Hilarisch, ziek, walgelijk maar schitterend tegelijk

“De pianiste' van Nobelprijswinnaar Elfriede Jelinek stoot eerst af. Moet je het boek daarom twee keer lezen? Discussieer mee op www.nrc.nl/leesclub

Gruwelijk, oordeelde ik jaren geleden over de in 1983 verschenen roman Die Klavierspielerin, een afschuwelijke geschiedenis van geestelijk gestoorden. Een boek dat een smaak van rotting in mijn mond achterliet, zo diep-nihilistisch dat het geen plaats kreeg in mijn boekenkast.

Velen zullen in eerste instantie zo hebben gereageerd op het werk van Elfriede Jelinek, de omstreden schrijfster uit Oostenrijk. Toen haar twee jaar geleden de Nobelprijs voor literatuur ten deel viel, werd dat door de Oostenrijkse media nauwelijks opgepikt, zo vijandig is de relatie tussen Elfriede Jelinek (1946) en haar vaderland. In haar boeken haalt ze haar land en de gewone Oostenrijker door het slijk, zo vindt men, ze bevuilt haar eigen nest, spuugt op haar volk, net zoals haar landgenoot en collega Thomas Bernhard dat eerder deed.

Zelf heeft de feministische Jelinek het ook over “haat- en wraakliteratuur', gericht tegen alles waar ze een gloeiende hekel aan heeft: benepen burgerlijkheid, katholicisme en moederschapscultuur, antisemitisme en vreemdelingenhaat, de onderdrukking van de vrouw door de man en de oogkleppen die Oostenrijkers volgens haar nog steeds ophebben als het gaat over hun nationaal-socialistische verleden. In al haar romans verguist ze haar vaderland met alle literaire middelen waarover ze beschikt. Ze “voelt geen liefde voor dit land', zei ze met gevoel voor understatement.

In de loop der jaren liet Jelinek meer los over haar joodse vader, haar katholieke moeder en haar verwoeste jeugd. Nooit met andere kinderen gespeeld, vanwege de pianoles, de vioolles en de orgelles waartoe haar tirannieke moeder haar dwong. Op haar veertiende naar het conservatorium. De zelfdestructieve wanhoop waarmee ze haar hoofd tegen de muur ramde. De verwarde vader die werd opgenomen in een psychiatrische inrichting. Haar eigen echtgenoot die door haar moeder het huis werd uitgezet. Haar vreugde in 2000 over de dood van haar “ongelofelijk intelligente, maar buitengewoon kwaadaardige moeder' , met wie ze desondanks tot in lengte van dagen bleef samenwonen.

Verandert die wetenschap iets aan de manier waarop je als lezer het boek ervaart en beoordeelt? Niet noodzakelijkerwijs, al zie je nu wel iets van de schrijfster zelf terug in Erika Korhut, pianolerares aan het conservatorium van Wenen en de pianiste uit de titel. Verminkt is ze door haar kenau van een moeder, die, al is haar dochter achter in de dertig, haar leven tot in de details beheerst. Verwrongen en geestelijk mishandeld, seksueel volledig gefrustreerd, leeft de docente zich sadistisch uit op haar leerlingen. Niet in staat tot normale sociale verhoudingen en verdwaald in haar sadomasochistische en voyeuristische fantasmen weet Erika (“tussen haar benen bederf, een gevoelloze, weke massa... een afgestompte hoeveelheid bekrompen verlangens en middelmatige herinneringen') niet om te gaan met de avances van een van haar studenten, een sportieve held, die haar op zijn gebruikelijke machomanier op de knieën dwingt. Dat Erika andere, uit haar verminkte brein voortkomende, spelregels van de liefde voor ogen staan, leidt tot een apotheose van fysiek geweld (“de man in hem is misbruikt') en, even vreselijk, tot een continuering van de onverdraaglijke, verziekte meester-slaaf relatie tussen moeder en dochter.

Bij herlezing van De pianiste, nu bij voorbaat geharnast tegen de gruwel, was het ditmaal vooral Jelineks stijl die intense bewondering opriep. Die korte, bitse zinnen, de manier waarop de vertelster met ironisch-afstandelijk getuite lippen “de moeder', “de dochter', “zij' of “het kind' aanduidt, terwijl ze tegelijkertijd vanuit het hoofd van haar personages spreekt. De messcherpe manier waarop ze hen karikaturiseert, terwijl ze er wel degelijk in slaagt de lezer mee te krijgen. Het gegeven is en blijft gruwelijk.

Maar - en dat bepaalde deze keer mijn leeservaring - wat een grandioze schrijfster is hier aan het werk! Eentje die, zonder in uitleggen te vervallen, de psychologie uitbeent tot op het bot, een die bij uitstek schittert in de drek, een die excelleert in portretten uit de hel. Neem de scène waarin Erika uit jaloezie glasscherven stopt in de jaszak van een jonge fluitiste. Of die waarin het meisje, opgesloten door haar “twee gifmoeders' (moeder en grootmoeder), gedwongen wordt piano te studeren, terwijl haar leeftijdgenootjes zich amuseren met haar stoere neef. Hen houdt Burschi “zijn rode pakje vol geslacht' voor, terwijl de “kruisspinnen' de hele dag ruzie maken over “wat Burschi lekkerder vindt, kalfs- dan wel varkensschnitzeltjes.'

Hard en haarscherp zijn ook de scènes waarin Erika op pad is om haar voyeurisme uit te leven, als dame tussen de mannen. “Blaffende Turkse ü-klanken. Een Venusberg in het klein. De man eet thuis voor drie en hier laat hij het gewoon achteloos op de grond kletteren'. De peepshow betaalt ze van bij elkaar gespaarde “tienschillingstukken', bezuinigd op haar lunchgeld. “Toekijken. Erika die toekijkt zonder aan te raken. Erika heeft geen gevoel en geen gelegenheid om zichzelf te liefkozen. Haar moeder slaapt naast haar in bed.'

Pikzwart is Jelineks humor, vaak feministisch en even zo frequent uitermate geestig. Ronduit hilarisch is Erika's begluring van een copulerend stel, onderdeel van “het geile volkje' in de Praterbeemden van Wenen, “waar het Wenerdom in zijn onbegrensde boosaardigheid de fraaiste vormen aanneemt'. Door haar gluurdersexcursie in het Prater komt Erika later thuis dan haar moeder verwacht. “Uit gekwetste trots zal de moeder, wanneer Erika eindelijk thuis komt, ervoor zorgen dat de Frankforter worstjes door een huisvrouwentruc barsten en het water er boosaardig in doordringt, en dan smaken ze lekker helemaal nergens meer naar. Dat zal voldoende straf zijn.'

Hilarisch, ziek, walgelijk. Maar schitterend tegelijk.

Elfriede Jelinek: De pianiste. Vertaald door Tinke Davids. Volgende week in de Leesclub: Elsbeth Etty over muziek en feminisme in “De pianiste'. Discussieer mee op www.nrc.nl/leesclub, waar ook alle eerdere artikelen te vinden zijn. Meer informatie op de website www.the-ledge.nl, die met de Leesclub samenwerkt.