Vetzucht jeugd groeit: 12 pct kleuters is te dik

Waarom zijn meisjes van vijf zo veel vaker te dik dan jongens? Remy Hira Sing, hoogleraar jeugdgezondheidszorg aan het VU medisch Centrum in Amsterdam, weet het niet. Jongens van vijf spelen misschien vaker buiten, zegt hij, terwijl meisjes binnen worden gehouden en meer televisie kijken.

Maar hij weet wel dat het tijd is om verschillende behandelplannen te maken: één voor jongens en één voor meisjes. En tegelijkertijd 'moeten gemeenten hun verantwoordelijkheid nemen'. Is het mogelijk speelplaatsen voor meisjes aan te leggen? Kunnen sportscholen in daluren dikke kinderen gratis danslessen geven? Zijn er fietspaden genoeg? En hoe voorkom je dat in achterstandswijken op elke hoek een patatzaak zit?

De uitkomsten van de vandaag gepubliceerde studie naar overgewicht bij kinderen verrassen de hoogleraar niet. Maar 'verontrustend' vindt hij ze wel. In het bijzonder het aandeel vier- en vijfjarige meisjes met overgewicht en het percentage kinderen dat ernstig te zwaar is. Dat is in zes jaar tijd verdriedubbeld. Als wij die kinderen niet opsporen en behandelen, waarschuwt de hoogleraar, krijgen ze last van ouderdomsdiabetes en hart- en vaatziekten. En daar worden ze niet oud mee.

Al op vierjarige leeftijd is één op de tien kinderen te dik. Ook daarvoor heeft Hira Sing geen verklaring. Dan moet hij weten wanneer dat overgewicht is begonnen. En daarvan zijn geen betrouwbare cijfers beschikbaar. Bovendien is het ingewikkeld, omdat wetenschappers nog steggelen over de precieze grens tussen een gezonde en een te zware baby. Maar een vermoeden heeft hij wel. Er zijn signalen dat moeders hun kind uit onzekerheid na de borstvoeding nog een fles geven. 'Die kinderen krijgen al gauw te veel. Die raken gewend aan overdaad. En dan is de trend gezet, er zit geen rem meer op eten. Ouders gaan daar vaak niet tegenin. Overgewicht voorkomen is een kwestie van opvoeden geworden.'

Die trend van toegeven aan ongebreideld eetgedrag is algemeen, hoort Hira Sing van jeugdartsen en -verpleegkundigen in het hele land. Zij behandelen sinds dit schooljaar te dikke twee- tot vijftienjarigen die het consultatiebureau of de schoolarts bezoeken. Aan de hand van een eet- en beweegdagboek maken ze afspraken over minder gezoete (fris)drank, elke dag ten minste een uur buiten spelen, maximaal twee uur tv-kijken of computeren, en regelmatig en goed ontbijten. Hira Sing: 'Maar te veel ouders en kinderen hebben moeite dat vol te houden.'

Nadeel is ook dat kinderen met ernstig overgewicht, obesitas, buiten beeld blijven. Zij moeten via de huisarts worden doorverwezen naar de kinderarts. Hira Sing: 'Er gebeurt veel tegen overgewicht. Protocollen, actieplannen, fruit op school. Maar als we willen voorkomen dat over zes jaar het aantal te dikke kinderen opnieuw verdubbelt, moet de overheid nu de regie in handen nemen. Deze kinderen zijn slachtoffers.'