Het beeld

Het gaat goed met Islam, alleen bedreigt hij nog steeds wel eens iemand. De gesluierde moeder van Islam legt het uit. Als hij thuis agressief wordt, dan legt ze een vinger op haar mond en roept: 'Sst, Islam, stop!' Islam vertaalt haar instructie voor de leerkrachten: 'Zo moeten ze het op school ook doen. Als hij daar niet stopt, kan hij niks leren. Als hij thuis niet stopt, kan hij niet slapen.'

Ned.3 (RVU), Een klasse apart, 1 maart, 20.50u.

Het eerste deel van het documentaire drieluik Een klasse apart (RVU) over de leerlingen van de Kingmaschool in Amsterdam-Noord is helder. Het gaat niet over moslims of probleemjongeren, maar over 'zeer moeilijk lerende kinderen' (zmlk) op een school voor voorgezet speciaal onderwijs. De een heet Islam, de ander Dennis. Als de politie een controle van de kluisjes komt uitvoeren en er rolt een namaakpistool uit dat van Dennis, maakt de kleur van de bezitter weinig uit. 'Acht over tien, wij constateren een overtreding van de vuurwapenwet. Je bent aangehouden!' zegt een van de agenten. Dennis legt uit dat hij zich bedreigd voelde, 'door iemand op MSN'.

In tegenstelling tot veel andere televisieprogramma's slaat Een klasse apart geen alarmerend toontje aan, maar laat zien hoe moeilijk het is om onderwijs te geven aan verstandelijk gehandicapte kinderen (IQ van onder de 60 of onder de 70 met bijkomende problematiek) die niet voor zichzelf kunnen zorgen, evenmin als in veel gevallen hun ouders. Hoe minder intelligent, hoe groter de angsten.

De makers van het drieluik, waarin volgende week een aantal politici op bezoek bij de school te zien zullen zijn, heten Mascha en Manfred Poppenk. Het paar heeftniet veel ervaring en leerde elkaar kennen in Tanzania als medewerkers van de wilde-dierenfilmer Hugo baron van Lawick. De Poppenks zijn bewonderaars van Frederick Wiseman en diens kompanen uit de direct cinema. Die geven mensen geen naamtitels, leggen niets uit, leveren geen commentaar, laten geen deskundigen aan het woord, maar portretteren onopgesmukt door langdurig aanwezig te zijn en zo het vertrouwen te wekken van de mensen in beeld. De Poppenks en hun cameraman Deen van der Zaken brachten een jaar door op de Kingmaschool.

De aanpak verdient niets dan lof, zeker in deze tijd van stemmingmakerij tegen de onderkant van de samenleving. Het zijn spannende en emotionele berichten van het grotestadsfront.

Ze maken wel een cruciale fout, door op de website te melden dat hun film 'ongekleurd' en 'pure registratie' zou zijn. Zelfs cinéma vérité vertelt nooit de enige waarheid. Elke kadrering betekent een keuze. Veel van deze keuzes zijn radicaal. Zo zien we in het eerste deel veel langdurige close-ups van leerlingen op wie leerkrachten buiten beeld verbaal zwaar inbeuken. Het resultaat is dat je de school ervaart als een plek waar de disciplinering vaak over de hoofden van de kinderen heen spoelt, terwijl hun weinig echt begrip ten deel valt. Ik betwijfel of dat effect de bedoeling was.

Soms zie je ook leerkrachten die juist wel contact weten te krijgen. Belangrijk middel is dan de dwingende vraag: 'Kijk me aan!' Albert Maysles, een andere peetvader van de direct cinema, noemt the gaze, de blik, een noodzakelijk element in elke documentaire. In deze film zien we te weinig de ogen van de leerkrachten.