Taïda Pasic: het gaat niet om mij maar om haar

Taïda Pasic verwijt minister Verdonk een prestigestrijd uit te vechten. 'Het gaat niet meer om mij. Ze wil haar gelijk halen.'

Taïda Pasic Foto Eric Brinkhorst winterswijk taida pasic ©foto eric brinkhorst Brinkhorst, Eric

Winterswijk, 1 maart. - Eergisteren zat ze nog met de neus in de studieboeken; gisteren hoorde de 18-jarige Taïda Pasic na een dagje winkelen op de radio de redenen waarom ze haar vwo-opleiding niet in Nederland zal mogen afmaken. Die wens was inzet van een langdurige juridische strijd tussen haar en minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie, VVD).

Vanmorgen deed de Kosovaarse vluchtelinge haar verhaal aan de keukentafel van het gastgezin in Winterswijk waar ze verblijft. Natuurlijk is ze 'heel erg verdrietig maar ook ontzettend boos'. Niet zozeer op minister Verdonk persoonlijk, zegt zij, maar op de hele gang van zaken rond haar verblijf in Nederland. 'Toen ik elf was brak de oorlog in Kosovo uit. Nu ben ik bijna negentien en sta ik nog steeds stil. Ik heb nog steeds geen diploma of iets kunnen regelen. De onzekerheid is er nog steeds.'

Verdonk beschuldigde Pasic enkele weken geleden er via De Telegraaf van 'misbruik van regels' te hebben gemaakt en 'mogelijk fraude' te hebben gepleegd om haar opleiding in Nederland te kunnen voltooien. De minister wilde daarmee tegenwicht bieden aan de in haar ogen ,,eenzijdige' publiciteit rond de kwestie-Taïda.

Pasic bestrijdt de aantijging van fraude. 'Je verwacht dat een minister zich in zo'n zaak gaat verdiepen. Helemaal met zoveel publiciteit eromheen. Maar ik hoor haar dingen zeggen die echt niet kloppen. Ze zegt dat onze familie is teruggegaan naar Kosovo, maar het staat gewoon zwart op wit dat dit niet het geval is. Ik kan ook niet begrijpen dat ze zaken uit mijn hoorzitting van vorige week zomaar naar buiten brengt. Dat kan toch gewoon niet.'

Minister Verdonk stelt nu wederom dat Taïda Pasic vals heeft gespeeld. Onder meer omdat voor haar in Belgrado een toeristenvisum werd afgegeven op basis van valse documenten, en zij in Nederland tegenover ambtenaren van de IND verklaard zou hebben dat ze geen paspoort meer had, terwijl ze daar later toch over bleek te beschikken.

Pasic is geraakt door die aantijgingen maar: 'Ikzelf en de mensen die mij kennen weten wat de waarheid is'.

Hoe ging het dan met het paspoort?

'Toen ik van school werd gehaald en in een cel werd gedumpt werd ik bang. Toen ze zeiden dat ze mij gingen uitzetten wist ik echt niet wat er ging gebeuren en heb ik uit angst gezegd dat ik geen paspoort meer heb. Later tijdens de hoorzitting heb ik verteld dat ik het nog wel heb. Ik ben geen fraudeur of crimineel. Zij weet dat donders goed maar dit gaat helemaal niet meer om mij. Het gaat om haar. Zij moet winnen en wil geen gezichtsverlies lijden. Ik ben echt niet gek, ik weet wat hier aan de hand is.'

Pasic meent dat 'ook heel veel mensen vinden dat ik moet oprotten'. 'Ze denken dat ik een vertrekpremie heb gepakt en toch ben teruggekomen. Zulke reacties doen echt pijn.'

'Die 6.800 euro waren niet voor mij, maar voor de hele familie. Ik zat twee weken in de gevangenis in Rotterdam, ik heb nooit iemand zwart kunnen maken, zoals Verdonk beweert.' Volgens de minister heeft zij IND-ambtenaren in diskrediet gebracht. 'Mijn vriendinnen, mijn school, mijn dorp, die weten dat het niet zo is en hebben daarom actie gevoerd.' [Vervolg TAIDA: pagina 3]

TAIDA PASIC

'Ze begrijpt er niets van'

[Vervolg van pagina 1] Wat is er precies gebeurd met het toeristenvisum?

'Wij kunnen als vluchtelingen uit Kosovo in Servië niet op een normale wijze een visum verkrijgen. Je moet zaken doen met een 'agency', die betaal je en dan wordt het voor je geregeld. Pas in Nederland hoorde ik hoe het met die documenten is gegaan.'

Pasic zou Verdonk persoonlijk willen spreken, 'zodat ze zelf mijn verhaal hoort. Ze begrijpt er volgens mij niets van. Het lijkt alsof zij het dossier nooit heeft gelezen.' Ze zegt nog steeds in Nederland te willen blijven om hier een schooldiploma te halen. 'Juist omdat ik zoveel heb meegemaakt, stop ik er niet mee. Ik weet dat ik nergens terecht kan. Ik heb niets meer te verliezen. Ik word boos als ik hoor dat zij mij verwijt een beetje zielig te doen. Ik ben niet zielig. Het is begonnen met die stomme oorlog. Die kon ik niet tegenhouden en dit zijn de consequenties ervan. Ik heb het in mijn eentje zover geschopt. Ik ben hier nu, ik had ook vermoord kunnen zijn. Het doet er niet toe hoe ik hier naar toe ben gekomen. Laten we eerlijk zijn, er zijn veel asielzoekers die illegaal hier naar toe zijn gekomen. Dat is toch zo'

    • Martin Steenbeeke