Ruige en boze Italiaanse films

Italië is weer optimistisch over de cinefiele toekomst. Cristina Comencini's La bestia nel cuore is in de race voor een Oscar als 'beste buitenlandse film', het zes uur durende, oorspronkelijk voor televisie gemaakte La meglio gioventù heeft het wereldwijd goed gedaan, Buongiorne, notte van oudgediende Marco Bellocchio is overal geprezen en er lopen nog een aantal interessante jonge makers en acteurs rond. Deze indruk wordt bevestigd door de achtste editie van het New Italian Cinema Events-festival dat traditiegetrouw zeven speelfilms presenteert, waaronder debuutfilms en tweede films. Het is een uitstekend jaar. Zes van de films zijn van bovengemiddelde kwaliteit en er is geen spoor te bekennen van de vaak wat tandeloze komedies die vroeger nog wel eens vertoond werden. Alle geselecteerde films hebben iets te zeggen, zelfs het mislukte Gas (Luciano Melchionna) doet moedige pogingen temidden van de hysterische stijl iets te melden over homofobie.

Een aantal films heeft niet echt een eigen stem, maar beter goed gejat dan slecht verzonnen. Zo leunt het imponerende Saimir (Francesco Munzi), een vertelling over een vader en een zoon die tegenover elkaar komen te staan in de smokkel van Albanese illegalen erg op La promesse van de gebroeders Dardenne en doet Il silenzio dell'allodola (David Ballerini, eerder dit jaar te zien geweest tijdens het Rotterdams Filmfestival) denken aan Ierse films als Some Mothers' Son en In the Name of the Father. Ballerini haalde de inspiratie voor zijn verhaal uit de biografie van Bobby Sands, het IRA-lid dat, samen met anderen, de status van politieke gevangene ontnomen werd en daarna in hongerstaking ging. Il silenzio dell'allodola is een aanklacht tegen het martelen van gevangenen, een boodschap die weer zeer actueel is.

Het beste zijn de films die wel een geheel eigen signatuur hebben. Eugenio Cappuccio's Volevo solo domirle addosso is een zwarte komedie, overwegend gefilmd in keihard staalblauw licht, over een werknemer bij een bedrijf die in drie weken 25 mensen moet ontslaan. Cappuccio blijft ambigu over de morele implicaties van deze operatie en treft de juiste toon tussen satire en realisme.

Aan alles in Contronatura is te zien dat de regisseur, Alessandro Tofanelli, begon als maker van natuurdocumentaires. De locaties zijn schitterend en passen perfect bij de wat buiten de beschaving staande hoofdpersoon. Giacomo leeft samen met zijn zus in een landhuis, jaagt en begint een affaire met de vrouw van de apotheker. Die gaat liever met de wat ruige, geheimzinnige Giacomo om dan met haar beschaafde, saaie echtgenoot. Die keuze maken alle films op dit festival: ze verkiezen het ruig, bozig en vol passie te zijn.

New Italian Cinema Events (NICE). 2 t/m 8 maart. In: Filmmuseum, Amsterdam.

    • André Waardenburg