Rotterdam schiet tekort

Vier jaar geleden trad een nieuw Rotterdams gemeentebestuur aan. De start van het college was ambitieus. De stad moest zichtbaar veiliger worden en inderdaad, Rotterdam lijdt niet meer onder een gebrek aan agenten in de binnenstad. Dat geeft sommige burgers een veiliger gevoel. Maar wat is veiligheid?

Tekeningen Cyprian Koscielniak Koscielnak, Cyprian

Naar mijn overtuiging is veiligheid een afgeleide van een verantwoord sociaal, cultureel en economisch beleid. In Rotterdam is veiligheid echter een doel op zichzelf geworden. Rotterdam stelde een lijst op van 700 overlast gevende burgers die moesten worden aangepakt. Al deze mensen hebben wel één of twee keer vastgezeten en de stad was beslist veiliger toen zij in detentie verkeerden, maar na vier jaar zwerft een deel nog steeds rond in de openbare ruimte. Zij ontberen een goede plek.

Het college lanceerde ook een plan om de burger in de wijk een veiliger gevoel te geven. In sommige wijken werd de strijd aangebonden met de verloedering. Corporaties werden ingeschakeld, louche huiseigenaren werden aangepakt en er werd een inkomensgrens vastgesteld.

Toch blijken deze maatregelen na vier jaar ook negatieve effecten te hebben. Waar moeten de kansarmen heen? Het heeft niet zo veel zin om ze door te schuiven naar andere wijken. Het is de vraag of ze kunnen worden opgevangen door de randgemeenten. Bovendien bestaat het gevaar van nieuwe illegale huisvesting.

Het college nam zich ook voor te investeren in de sociale integratie van de bevolking. Er werden debatten met moslims georganiseerd. Leefbaar Rotterdam interpreteerde integratie echter als assimilatie. Men vond dat iedereen zich moest aanpassen aan de westerse manier van leven.

De moslims waren niet content met deze debatten. Hun werd vaak de les gelezen. Velen hebben deze bijeenkomsten geboycot. Het gemeentebestuur is er niet in geslaagd het vertrouwen te winnen van de islamitische bevolking.

Ook stelde het college zich ten doel om het Centraal Station veiliger te maken. Dat is inderdaad gelukt. De bedelaars werden verdreven. Er kwam een Algemene Politie Verordening waardoor met kracht kon worden opgetreden tegen overlast gevende personen. Maar in de praktijk moeten we vaststellen dat veel politiemensen zich gingen uitleven op de zwakken in de samenleving. De meeste bedelaars zijn zwakbegaafd of sociaal zwak. Ze werden aan de lopende band bekeurd, zaten een tijdje vast en keerden dan weer terug in de openbare ruimte.

Het probleem van de daklozen zou met hulp van de landelijke overheid worden opgelost. Illegalen worden in Rotterdam echter uitgesloten van de opvang voor daklozen. Het betreft hier vaak mensen die al jaren in ons land verblijven. Regelmatig worden deze mensen vastgezet, dan weer vrijgelaten om zonder uitkering terug te keren in de Rotterdamse samenleving.

Er wordt vaak te simpel gedacht. Het target-denken, dat dit college uitstraalt, is doordrenkt van een productdenken, dat wordt aangewakkerd door de markt. Geld moet goed worden besteed. Zoveel geld voor dakloze verslaafden moet leiden tot een product van zoveel mensen die afkicken en geen overlast meer geven. Het daklozenbeleid van het college geeft de indruk dat men mensen onder controle wil krijgen. Dat is nu juist de kern van het probleem: deze groepen kunnen niet zo gemakkelijk naar de hand gezet worden.

Dr. J. Visser is coördinator van de Pauluskerk in Rotterdam.