Niet zomaar een moskee, maar een Amsterdamse

Minister Donner legde gisteren de eerste steen van de Amsterdamse Westermoskee. Een rabbijn, een pastoor en een predikante waren erbij. Geert Wilders niet.

Impressie van de Westermoskee, te midden van andere nieuwbouw.

Een Turks-Nederlandse moskee in een jasje van de Amsterdamse school. En tot stand gekomen in samenwerking met woninbouwcoörperatie Het Oosten. De symbolische legging van de eerste steen van De Westermoskee in stadsdeel de Baarsjes in Amsterdam inspireerde minister Donner (CDA, Justitie) gisteren tot een poëtische en stichtelijke toespraak. 'Een palm groeit het best als je er een steen op legt. Tegen het gewicht in. Zo is dit project ook gegroeid.'

In een stampvolle circustent op het terrein van een voormalige garage werd gisteren op feestelijke wijze gevierd dat er na meer dan tien jaar strijd dan toch echt een moskee verrijst, omringd door eveneens te bouwen winkels, woningen en een parkeergarage. En niet zomaar een moskee, zei directeur Haçi Karaçaer van de Turkse organisatie Milli Görüs, maar een die tevens symbool staat voor de verbondenheid met de stad Amsterdam. Kijk maar naar de naam Westermoskee, zei Karaçaer. 'Het geeft ook aan welke toekomst voor onze kinderen we zoeken.'

Dertien jaar geleden zag die toekomst er heel anders uit. Milli Görüs had het terrein, bijna 3.000 vierkante meter, aangeschaft om er van alles neer te zetten, waaronder een moskee. Nee, zei het stadsdeelbestuur, wij willen geen Turks bolwerk in de buurt. Het stadsdeel dreigde zelfs het hele complex met de mobiele eenheid te ontruimen. Waarna Milli Görüs duizenden moslims optrommelde om te demonstreren. Uiteindelijk werden de demonstraties op straat juridische gevechten. Het laatste eindigde vorige week toen een onafhankelijke commissie besloot dat bij 42 meter hoogte de minaret van de moskee, ontworpen door het Frans-joodse architectenpaar Breitman, het beste tot zijn recht komt. 'Een lagere minaret zou afbreuk doen aan de compositie van het geheel.'

U bent er nu vanaf, ik blijf er mee zitten, zei minister Donner. Zo kreeg hij vorige week vragen van Kamerlid Wilders. Of hij het ermee eens was 'dat het van slechte smaak getuigt om een moskee met een minaret van dergelijke omvang' midden in een woonwijk te plaatsen? En of het waar was dat de minister bij de steenlegging zou zijn. Donner gaf gisteren antwoord: 'Ik acht het een eer hier te zijn.' De hoogte van de minaret vond hij zelfs nog wat magertjes.

En zo werd de legging van de eerste steen een feest van de integratie. Imams die samen met een rabbijn, een pastoor en een vrouwelijke predikant een zegen vroegen over de moskee. En twee Turkse rappers die door de wijkagent na afloop uitbundig begroet werden. 'Toppie man.'

    • Tom Kreling