Meer meldingen huiselijk geweld

Het aantal aangiftes van huiselijk geweld is in 2005 met vier procent gestegen ten opzichte van 2004. Ruim 57.000 mensen deden aangifte.

Dat blijkt uit cijfers van Advies- en Onderzoekgroep Beke in opdracht van de Raad van Hoofdcommissarissen. Uit het onderzoek blijkt dat ruim 2.500 kinderen onder de achttien jaar slachtoffer zijn geworden. Daarnaast is ongeveer hetzelfde aantal getuige geweest. Het is voor het eerst dat ook kinderen worden betrokken bij onderzoek naar huiselijk geweld.

Een woordvoerder van het Nationaal Politie Instituut schat dat het aantal daadwerkelijke gevallen van geweld in werkelijkheid zeker tien procent hoger ligt. 'Uit eerder onderzoek blijkt dat maar ongeveer tien procent van de slachtoffers aangifte doet van huiselijk geweld.'

Vooral voor kinderen is de drempel om aangifte te doen hoog, zegt commissaris Gerda Dijksman, landelijk projectleider huiselijk geweld. Zij noemt de aangifte cijfers slechts 'een topje van de ijsberg'. Dijksman constateert dat de wachtlijsten bij de Meldpunten Kindermishandeling nog veel te lang zijn, waardoor kinderen niet altijd adequaat worden geholpen.

Uit de rapportage blijkt dat 98 procent van de meldingen een man betreft, voornamelijk in de leeftijd van 25 tot 55 jaar. Bij zestig procent van de aangiftes wist de politie een verdachte aan te houden. Dit is vergeleken met 2004 een stijging met twee procent. Overigens hanteert de politie een brede definitie van huiselijk geweld. Ook als een kind zijn ouder hardhandig een klap geeft valt het onder de noemer huiselijk geweld.

Vandaag worden de cijfers besproken op een besloten politiecongres. Daarna gaat de rapportage naar de Tweede Kamer. Het kabinet kondigde eerder het plan aan om daders van huiselijk geweld uit huis te plaatsen.