Manley, 'she loved baseball'

Op haar grafsteen laat ze er geen misverstand over bestaan. She loved baseball valt er in simpele maar krachtige bewoordingen te lezen. Het leven van Effa Manley (1897-1981) werd dan ook beheerst door honkbal. In de laatste helft van de vorige eeuw was zij een van de meest invloedrijke vrouwen in deze populaire Amerikaanse volkssport. Het heeft haar, vijfentwintig jaar na haar dood, een plek in de Baseball Hall of Fame opgeleverd. Ze is daarmee de eerste vrouw die een plaats in het walhalla van de Amerikaanse honkballers toebedeeld heeft gekregen.

Effa en haar echtgenoot Abe Manley richtten in 1935 in Brooklyn (New York) het honkbalteam Newark Eagles op. Effa Manley was verantwoordelijk voor het management van het team. Zij ontfermde zich over de zakelijke belangen van de club en werd als een expert op het gebied van public relations beschouwd.

'Abe zorgde voor het geld, maar Effa had de touwtjes in handen', verklaarde Leslie Heaphy, een lid van het kiescollege van de Baseball Hall of Fame eerder deze week. Manley is een van zeventien zwarte Amerikanen die in één keer tot de Baseball Hall of Fame zijn toegelaten. Het gaat om vijf leidinggevenden en twaalf oud-spelers, onder wie Ray Brown, Willard Brown, Andy Cooper, Biz Mackey, Mule Suttles, Cristobal Torriente en Jud Wilson. De uitverkorenen worden in juli in New York geëerd. Geen van hen is nog in leven.

Manley, product van een blanke moeder en een zwarte vader, groeide op in een arme zwarte buurt in Pennsylvania. Mede door haar jeugdervaringen was zij een groot pleitbezorgster van goede werkomstandigheden voor honkballers. 'Effa durfde haar zegje waar anderen hun mond hielden', aldus Heaphy.