De recidive van Zalm

Minister Zalm is geen ezel, maar dat hij zich tweemaal aan dezelfde steen stoot, is niet alleen voor hem pijnlijk. Moest de minister van Financiën vorige week al zijn spijt betuigen nadat hij gemeenten er ten onrechte van had beschuldigd dat zij de onroerendezaakbelasting (ozb) onrechtmatig hadden verhoogd, nu heeft hij de provincies tegen zich in het harnas weten te jagen. En opnieuw op onjuiste gronden. Op een verkiezingsavond van zijn partij, de VVD, verweet Zalm maandag de provincies dat zij gemeenten te gemakkelijk een ontheffing geven om een verhoging van de ozb door te voeren. Ze zouden 'sluipweggetjes' die de gemeenten bewandelen of zelfs 'wetsovertredingen' goedkeuren. Zalms staatssecretaris Wijn (CDA) viel hem bij: 'Ik heb aanwijzingen dat er soms blind wordt afgestempeld door provincies.'

De nuchtere feiten staan evenwel in een brief die de minister van Binnenlandse Zaken, Remkes (ook VVD), op 13 december 2005 naar de provincies heeft gestuurd. Daarin onderschrijft Remkes, uiteraard namens het kabinet en dus ook namens Zalm en Wijn, over de ozb-verhogingen ,,dat alle gemeenten die ontheffing hebben aangevraagd deze ontheffing, gezien de korte beslissingstermijn, ook verleend krijgen'. Die termijn was zo kort omdat het wetsvoorstel over de ozb pas op 19 december 2005 in de Eerste Kamer werd behandeld, lang nadat gemeenten hun begrotingen hadden moeten opstellen. Een ander nuchter feit is dat de provincies slechts aan 16 van de 458 gemeenten zo'n ontheffing hebben verleend.

Inmiddels heeft Zalm aangegeven dat hij verkeerd begrepen is en slechts op de toekomst heeft gedoeld. Dan is de vraag aan de orde hoe provincies nu al kan worden verweten dat zij in de toekomst te soepel met de wensen van de gemeenten zullen omspringen. Te meer daar minister Remkes in zijn brief van 16 december over de ozb-heffingen de provincies ook heeft laten weten: 'Of er voor 2007 e.v. een strakker kader nodig is, is nog niet helder.' Dat Zalm nu een wetswijziging heeft aangekondigd die het de provincies in de toekomst makkelijker maakt om ozb-verhogingen tegen te gaan, is enerzijds een opvallend vroege conclusie, maar schept anderzijds in elk geval daarover duidelijkheid.

Premier Balkenende (CDA) zag in Zalms uitlatingen aanleiding om de wijze oproep te doen de discussie over de ozb te voeren op basis van feiten. Maar het kan natuurlijk zijn dat ook Balkenende zijn vice-premier verkeerd heeft begrepen. Wellicht heeft Zalm het vermogen verloren om zich helder uit te drukken. Dat zou zorgelijk zijn. Waarschijnlijker is evenwel dat hij zich opnieuw heeft overgegeven aan verkiezingspopulisme. En dat past deze dienaar van de Kroon niet.