Na het gevecht wacht de hamer

Gladiatorengevechten verliepen volgens strenge regels. Dat blijkt uit forensische analyse van schedels van 67 gladiatoren, afkomstig uit een massagraf uit Efese.

Een massagraf van 67 gladiatoren, ontdekt aan de voet van een heuvel bij de oud-Romeinse stad Efese (Turkije), brengt de gruwelen van de arena dichtbij. Op de schedels van de 20 tot 30 jaar oude mannen ontdekten Oostenrijkse wetenschappers de sporen van de drietand en alle andere steekwapens die gladiatoren gebruikten. Ze vonden ook bewijzen voor het literaire verhaal dat gladiatoren levend uit de arena gesleept werden door een employé, verkleed als Dispater, de God van de Romeinse onderwereld, waarna ze een dodelijke klap met de hamer kregen. Vier schedels in Efese dragen de sporen van deze dodelijke klap, toegebracht met een vierkante hamer, het wapen van Dispater.

Hoe gruwelijk ook, de gladiatoren hielden zich in de arena aan strikte regels, schrijven medicus Karl Großschmidt van de universiteit van Wenen en Fabian Kanz van het Oostenrijkse Archeologisch instituut in een artikel dat binnenkort verschijnt in het wetenschappelijke tijdschrift Forensic Science International. De auteurs vonden op de gladiatorschedels geen sporen van 'excessief geweld'.

Kennis over gladiatorengevechten was tot op heden gebaseerd op geschreven bronnen en afbeeldingen op kunstwerken. Een andere bron van informatie op dit gebied is 'een noviteit', aldus Fik Meijer, hoogleraar Oude Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en schrijver van 'Gladiatoren: volksvermaak in het Colosseum' (2003). De conclusie dat gladiatoren zich aan regels hielden, sluit volgens Meijer goed aan op de literatuur.

In totaal vonden de Oostenrijkers op tien schedels sporen van een dodelijke inslag. Dat is, schrijven zij, op 67 gladiatoren een opmerkelijk hoog aantal, ze droegen immers helmen. Van de gladiatoren die niet aan een schedelverwonding stierven is de doodsoorzaak moeilijker te achterhalen.

Na de hamer van Dispater was een verbrijzelende klap met een schild (en het volle gewicht van de drager) op het onbeschermde hoofd de belangrijkste doodsoorzaak. Daarnaast vonden de onderzoekers fatale schedelwonden van de gladius (een 30 cm lange dolk) of sica (gebogen zwaard), een speer (pilum) en van een drietand.

Op elf andere schedels vonden Großschmidt en Kanz littekens van gevechten die de gladiator overleefde. Het merendeel hiervan wijten zij aan steekwonden met de gladius, sica, drietand of zware klappen op de helm. Die klappen lieten op vijf schedels hun sporen na in de vorm van een kenmerkende verwonding van de bovenrand van de oogkassen.

Dankzij forensische analyses op gladiatoren uit het in 1993 ontdekte graf kunnen Großschmidt en Kanz dodelijke van niet dodelijke schedelbreuken scheiden en vaststellen of schedelschade niet tijdens de opgravingen is ontstaan. De mineraalrijke grond ter plaatse kleurt oude breuklijnen in de schedel. Die kleuring is dus een aanwijzing voor verwondingen uit een gevecht.

De eerste gladiatorgevechten in Efese, hoofdstad van de Romeinse provincie in Klein-Azië, werden in 69 voor Christus gehouden onder de Romeinse proconsul Lucullus. Romeinen kenden het fenomeen toen al bijna 200 jaar. De gladiatorgevechten bestonden in het Romeinse Rijk tot meer dan een eeuw nadat Constantijn de Grote het christendom erkende. Gladiatoren waren krijgsgevangenen, slaven of misdadigers. Ook vrijwilligers konden een training als gladiator ondergaan.

Er werd gevochten totdat een van de twee gladiatoren dood was, of zo gewond of uitgeput dat hij niet meer kon vechten. Om te beslissen of de verliezer mocht blijven leven werd de hulp van het volk ingeroepen. Op basis van historische bronnen becijferde de Franse oudheidkundige Georges Ville eind jaren zestig dat de kans dat een gladiator tijdens een optreden overleed maar liefst tien procent bedroeg. Andere historici beschouwden de strijd als een showgevecht waarbij de dure slaven niet al te zeer gewond mochten raken. Het onderzoek van Großschmidt en Fabian weerspreekt die laatste hypothese. Meijer: 'Het ging er enorm bloedig aan toe.'