Groei antisemitisme

Achttien jaar geleden verhinderden protesterende joodse jongeren in Rotterdam de uitvoering van een toneelstuk van de overleden Duitse schrijver Fassbinder waarin een rijke jood de hoofdrol speelde. Het stuk, dat sloeg op een joodse projectontwikkelaar in Frankfurt, zou volgens hen antisemitisch zijn. Nu draait al weken in Nederland de Turkse actiefilm, Kurtlar Vadisi, met een aanzienlijk kwaadaardiger karakter van een soort joodse dokter Mengele, die in de Abu Ghraib-gevangenis gevangenen opereert om nieren te verwijderen die dan naar New York en Tel Aviv worden gestuurd. Deze scènes stemmen overeen met de ook in Europa verbreide antisemitische Arabische propaganda. Dit keer zijn er geen protestmarsen. Alleen in Amerika heeft het bioscoopconcern de film uit de roulatie gehaald. Dat besluit op morele gronden is beter verdedigbaar dan een verbod.

Sinds de Fassbinder-affiare is het antisemitisme gegroeid in Europa, maar omdat de groei zich vooral onder grote aantallen moslims voordoet, ligt het gevoelig. Dit antisemitisme blijft buiten het zicht omdat het meestal via moslimkanalen of etnisch gerichte media in niet-Europese talen wordt verbreid. De genoemde Turkse actiefilm wordt vrijwel alleen door Turken gezien in Turkije zelf en elders in Europa. Dat maakt de etnische stereotypen niet minder schadelijk.

Terwijl arabische antisemitische propaganda over het hoofd wordt gezien, worden bedenkelijke uitingen van autochtonen met het vergrootlas bekeken. Afgelopen week werd de Londense burgemeester Ken Livingstone voor een maand geschorst door een beroepscode-tribunaal omdat hij een jaar geleden een joodse journalist een 'concentratiekampwacht' had genoemd, waarmee hij naar zijn zeggen het verre fascistische verleden van diens krant bedoelde. Hij wilde zich er desgevraagd niet voor excuseren. Een maand schorsing is een overdreven sanctie voor dit onfatsoen.

Verkeerd was ook de veroordeling tot drie jaar gevangenisstraf van de Britse historicus David Irving in Oostenrijk wegens de inmiddels door hem herroepen uitspraak zeventien jaar geleden dat de holocaust zich niet had voorgedaan. Dit vonnis staat in geen verhouding tot de strafrechtelijke passiviteit tegenover Oostenrijkse oorlogsmisdadigers. Bovenal is een verbod op het in twijfel trekken van historische gebeurtenissen, ook al is het op verkeerde gronden, in strijd met de grondprincipes van de westerse vrijheid van meningsuiting, van open discussie en onderzoek. Zelfs aan Irving is na eigen onderzoek gebleken dat de holocaust zich wel degelijk heeft voorgedaan. Een verbod op het in twijfel trekken van de holocaust sterkt sommigen in hun ontkenning van deze gebeurtenis die niet van fictief religieuze aard is en met een overweldigende hoeveelheid materiaal kan worden bewezen. De argumenten tegen het bestaan van de holocaust moeten niet worden verboden, maar worden weerlegd.

De strafwet is slechts een uiterste redmiddel tegen antisemitisme. Bestrijding is in de eerste plaats een vrijwillige maatschappelijk morele activiteit. Dat hebben de oprichters van het Joods Marokkaans netwerk in Amsterdam en de organisatoren van stadsdebatten elders goed begrepen. In het verleden heeft de aanpak van gezamenlijke discussies en activiteiten al resultaten afgeworpen. Bij de Europees Turkse organisatie Milli Görüs hebben zich in het verleden antisemitische incidenten voorgedaan. Maar onlangs heeft Haçi Karaçaer, leider van de gematigde Nederlandse afdeling, ervoor gezorgd dat een in Turkse moskeeën verspreide antisemitische film uit de roulatie werd gehaald. Laat anderen zijn voorbeeld volgen. Hij toont aan dat vooruitgang mogelijk is.