Stapel sterk in leerstellige 'Mephisto'

Dit is een recensie als een college. Bertolt Brecht is de belangrijkste theatervernieuwer van de twintigste eeuw. In het vooroorlogse Berlijn ontwikkelde hij de toneeltheorie van de 'vervreemding'. Hij verbant illusie en emotie uit het theater. De acteur mag zich niet gevoelvol identificeren met zijn rol, maar moet er naast staan. Het toneel van Brecht is verstandelijk.

De Nederlandse regisseur Paul Binnerts is een nazaat van Brecht. In zijn regie van Mephisto (1936), een toneelstuk naar de roman van Klaus Mann, is de visie van Brecht onwrikbaar aanwezig. Alles doen de spelers om te laten zien dat het 'gewoon' een toneelstuk is en dat zij slechts spelers zijn. Bij aanvang begroeten de acteurs de toeschouwers, ze zwaaien naar familie en bekenden. Dit is de zaterdagavondse première, hoe moet dat als de voorstelling in Meppel of Coevorden staat, waar de acteurs niemand kennen? Liedjes, dubbelrollen, nadrukkelijk verkleden op de bühne: het is allemaal Brecht in het kwadraat. Leerstellig heet dat.

Hier eindigt het college. Verrassend is dat de theorie van Brecht prachtig aansluit bij Mephisto, en er tegelijk niets mee heeft te maken. Hoofdrolspeler Huub Stapel vertolkt overtuigend de historische figuur van Gustaf Gründgens, de acteur uit nazi-Duitsland die tegen beter weten in volhield dat zijn kunst 'slechts' toneelspel was en dus vrij van politieke betekenis. De barbarij van het Derde Rijk dringt op, maar 'politiek is iets voor buiten de muren van de schouwburg', aldus Gründgens. Hij wil alles, mits het theater is. Grote rollen, de leiding van het Berlijnse theater, toneel en nog eens toneel. En als hij tegen zijn beschermheer Göring (ijzig-sterk gespeeld door Derek de Lint) roept dat hij Tsjechov wil spelen, corrigeert hij zich meteen: nee, natuurlijk niet, de aarzelende Rus Tsjechov is 'entartet' verklaard door de nazi's. Hoe schuldeloos kan toneelkunst zijn? Waar ligt de grens tussen goed en fout? Dat zijn de vragen die de schietspoel van de voorstelling zijn.

De cast is sterk. Jara Lucieer als joodse actrice, Reinier Bulder in de rol van verteller, Derek de Lint als Göring, en Stapel in de titelrol zorgen voor intelligent spel. Daarom is het jammer dat de balans in de voorstelling ontbreekt. De tragiek van Gründgens/Mephisto krijgt te laat contour. Binnerts neemt voor de pauze helaas teveel zijlijnen. Het is alsof hij bang is tóch drama van dit dilemma te maken.

Erg mooi is het wanneer de spelers opeens het slot van Tsjechovs De Kersentuin spelen, puur psychologisch ingeleefd. En het is meteen indrukwekkend. Hiermee verklaart Binnerts' zijn rationele opvatting failliet. Aan het slot schudt Stapel alle Brechtiaanse remmingen af, en gaat gevoelvol spelen. Dan roept hij wild gebarend uit: 'Waarom verlaten jullie me? Ik ben slechts een doodgewone toneelspeler.'

Exit Brecht. De emotie wint.

Voorstelling: Mephisto naar Klaus Mann door Hummelinck Stuurman. Regie: Paul Binnerts. Gezien: 25/2 Leidse Schouwburg. Tournee t/m 22/5. Inl.: www.hummelinckstuurman.nl