Il Grande Torino

De Spelen zijn voorbij, de Italianen kunnen zich weer concentreren op Koning Voetbal. Wij nemen afscheid van Turijn en laten de Superga letterlijk links liggen. Vanuit onze hotelkamers zagen we de basiliek afwisselend in de zon of in de schijnwerpers bij avondlicht. Soms was zij dagen onzichtbaar, als de heuveltop in nevelen gehuld was. Op 4 mei 1949 was het ook mistig, toen de voetballers van Il Grande Torino terugvlogen uit Lissabon. De piloot overwoog naar Milaan uit te wijken, maar koos op het laatste moment toch voor Turijn. Hij zou het vliegveld nooit bereiken. Zijn toestel schampte de basiliek en alle 31 inzittenden, inclusief trainers, journalisten en bemanningsleden, kwamen om het leven. Il Grande Torino was het beste clubteam uit de Italiaanse voetbalhistorie. De meeste spelers waren international en als de blonde aanvoerder Valentino Mazzola (vader van de latere Inter-ster Sandro) de mouwen opstroopte, was de Squadra Granata niet meer af te stoppen. Vijfhonderdduizend mensen waren getuige van de collectieve staatsbegrafenis. Uit eerbetoon en met goedkeuring van de andere clubs werd Torino in 1949 'postuum' tot landskampioen uitgeroepen. Aan het eind van de competitie verving een huilende juniorenploeg het verongelukte sterrenteam. De zwaar beschadigde Superga werd in ere hersteld. Voor de voetbalfans van Torino, voor de oudere inwoners van Turijn, is de basiliek een bedevaartsoord, compleet met monument en bloemenzee. Ciao Grande Torino!