Cacaomarkt draait om Amsterdam

De haven van Amsterdam verwerkt meer cacao dan enige andere haven ter wereld. Vorig jaar was die overslag minder, maar de haven maakt zich daar geen zorgen over. Daar zit immers de industrie.

Overladen van cacaobonen naar een binnenvaartschip bij Sitos in Amsterdam, 's werelds grootste cacaohaven. Foto's Roger Cremers Nederland, Amsterdam, 09-12-2005 In de Amsterdamse Haven aan de Kwadrantweg 11 wordt door 'Sitos' Cacoa overgeladen naar het Duitse Binnenvaartsschip 'Steinachtal'. Sitos AmsterdamÕs main activity is cocoa and coffee related. Cocoa beans are handled and stored both in bags and bulk. Through our close relationship with United Stevedores Amsterdam we do our own stevedoring. Our latest activity is cleaning cocoa beans ready for processing. We deliver to all destinations in Europe and also take care of overseas shipments. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Massief gedreun echoot over de Afrikahaven in Amsterdam. Een heimachine stampt palen de grond in voor de tweede uitbreiding binnen een jaar tijd van Sitos, een overslagbedrijf dat zich toelegt op koffie en cacao. Voor het einde van dit jaar breidt Sitos zijn totale opslagruimte uit tot 54.000 vierkante meter, een oppervlakte van circa tien voetbalvelden.

Amsterdam is veruit de grootste cacaohaven ter wereld. Jaarlijks passeert ongeveer een zesde van de wereldwijde cacaoproductie deze, voor het overige toch bescheiden, haven. Vorig jaar is ruim 600.000 ton overgeslagen. Het maakt cacao tot een van de schaarse terreinen waarop de Amsterdamse haven sterker is dan de grote concurrent in Rotterdam.

Amsterdam dankt zijn vooraanstaande positie aan de omvangrijke verwerkingsindustrie in de regio. Dorpen als Wormer en Zaandam herbergen (dochter)ondernemingen van buitenlandse voedingsmiddelengiganten als United Biscuits (Verenigd Koninkrijk) en Cargill en ADM (Verenigde Staten). Zij verwerken cacaobonen tot halffabrikaten als poeder, olie en boter, bestemd voor de chocolade-industrie.

Maar cacaohandelaren bevoorraden ook de farmaceutische industrie en cosmeticabranche. Cacao smelt bij lichaamstemperatuur, wat het geschikt maakt als 'smeermiddel' in bijvoorbeeld lippenstift en zetpillen. Uiteindelijk wordt het grootste gedeelte van de 'Amsterdamse' cacao met toegevoegde waarde weer uitgevoerd, vooral naar de Verenigde Staten en (Oost-)Europa.

De concentratie van buitenlandse bedrijven is op haar beurt een gevolg van de prominente positie die Amsterdam en omstreken van oudsher innemen op het terrein van cacao. Droste, Van Houten, Verkade, De Zaan, Bensdorp en Gerkens: stuk voor stuk roemrijke, regionale namen die in de jaren tachtig en negentig zijn overgenomen door buitenlandse concerns. Verkade is nu eigendom van United Biscuits, Droste is bezit van het Spaanse Hosta Dulcinea. De Zaan hoort toe aan ADM, Gerkens aan Cargill. Bensdorp en Van Houten zijn van het Zwitserse concern Barry Callebaut. De Nederlandse namen zijn wel blijven bestaan als merk.

Het Amsterdamse havenbedrijf heeft vorig jaar een lagere cacao-overslag gehad dan in 2004, terwijl Nederland wel meer cacao heeft ontvangen. Dat betekent niet dat de levensmiddelenbedrijven ook minder cacao hebben bewerkt: een gedeelte van de cacao die in Rotterdam binnenkomt, gaat per binnenschip alsnog naar Amsterdam. Daar zit immers de verwerkingsindustrie.

Het valt met die lagere cacao-overslag wel mee, vermoedt een woordvoerder van het Amsterdamse havenbedrijf. 'Cacao wordt steeds vaker in containers vervoerd en steeds minder als bulklading. Dat maakt de cacao minder zichtbaar, en dus moeilijker te tellen.'

De prijs van cacao wil nog wel eens fluctueren: in 2002 was die heel hoog, in 2003 heel laag. De stijging kwam door het uitbreken van burgeroorlog in Ivoorkust, dat 40 procent van alle cacao ter wereld voortbrengt. De vrees ontstond dat de toevoer zou stokken; de prijs explodeerde. De daling in 2003 vormde een repercussie hiervan. Een ton cacao kost nu circa 1.300 euro.

Overslagbedrijf Sitos profiteert van alle cacaoproducenten in de buurt. Het bedrijf verwerkt 150.000 ton cacao, bijna 5 procent van alle cacao ter wereld. 'Niet slecht voor een bedrijf met honderd man personeel', zegt directeur Martin Versteeg. Vanuit zijn kantoor aan de Koffieweg heeft hij zicht op de Sitos-loods-in-aanbouw. Die vergroot de opslagcapaciteit tot 200.000 ton. Sitos levert onder meer aan het Zwitserse Nestlé, en aan chocoladeproducenten in Duitsland. 'De Duitse chocolade-industrie is afhankelijk van Amsterdam', zegt Versteeg.

De cacao-industrie krijgt regelmatig kritiek wegens de slechte omstandigheden van cacaoboeren in landen als Ivoorkust, Ghana en Nigeria. Samen produceren zij meer dan 60 procent van alle cacao; hun economieën leunen sterk op cacao-export. Dat zou ze vatbaar maken voor uitbuiting door westerse cacaoproducenten, onder meer via kinderarbeid.

Versteeg, die namens Sitos regelmatig in Afrika komt: 'Natuurlijk gebeuren er dingen die niet door de beugel kunnen. Maar de rode draad is dat gezinnen van de cacao moeten rondkomen.'

In 2002 ondertekenden westerse cacao- en chocoladeproducenten een verdrag ter bestrijding van kinderarbeid. 'Slaafvrije' cacao zou voortaan worden gecertificeerd. De eerste actie werd ondernomen in 2004. Resultaten zijn volgens de betrokken organisaties nog niet bekend. Versteeg: 'Naleving van zulke verdragen is lastig in de Afrikaanse buitengebieden. Maar het is beter dan helemaal geen systeem.'

Een ander verwijt is dat de cacaobranche de prijzen manipuleert. De Europese cacaoloodsen bevatten gemiddeld meer dan een miljoen ton aan reserves, terwijl de vraag al enkele jaren zo'n 100.000 ton groter is dan de hoeveelheid die op de markt wordt gebracht. Kan die situatie niet gemakkelijk worden opgelost?

Nee, zegt Robert Zehnder. Hij is secretaris-generaal van de European Cocoa Association, de Europese koepel van de cacao-industrie. Vanuit Brussel vertelt hij telefonisch dat reserves beslist nodig zijn. Zehnder: 'Cacao kent twee oogsten. Bonen arriveren in Europa tussen december en april en tussen mei en juli. Omdat je niet weet hoe de tweede oogst uitpakt, is een kleine buffer nodig.' Volgens Versteeg zijn reserves 'nooit kleiner dan 40 procent' van de totale oogst.