Spelling

'Scholen hoeven zich geen zorgen te maken over de spellingwijziging' luidt de onderkop bij 'Deinend naar augustus 2006' (W&O, 18 febuari). Deze stelling is niet juist. Scholen moeten zich wel zorgen maken. Immers, iedere ambtenaar, leraar en leerling is verplicht deze nieuwe spelling te gebruiken. Dus aanpassen, braaf de goede spelling schrijven en aanleren. Uit democratisch oogpunt is het van belang dat de spelling niet ingewikkeld is. Het vreemde is dat nagenoeg iedereen die het spellingkunstje enigszins beheerst, tegen iedere wijziging is.

Is er een oplossing voor de voortwoekerende spellingkwestie? Wis en waarachtig: regering, benoem een commissie die de spelling goed fundeert en de dikdoenerij weg haalt, die ook het probleem van de nodeloos moeilijke spelling van de werkwoorden in één klap oplost. Dus we gaan schrijven wat we horen: zij wort, hij antwoorde, hont en bijdehant. Alle scholieren krijgen les in deze nieuwe spelling. Er bestaan dus een tijd lang twee spellingen naast elkaar. Wie niet wil veranderen, houdt zich aan de huidige spelling; de anderen gebruiken de nieuwe. Beide spellingen zijn gelijkwaardig. Zo wordt aangestuurd op een duurzame spelling. Tot weltevree van alle menschen.

dr. Henk van der Weijden, Vereniging voor Wetenschappelijke Spelling