Rosiri (22): De politie

Feuilleton van Iris Koppe over een modern kind van gescheiden ouders

'Autorijden is voor negentig procent kij-ken', zei Bert, en hij blikte in het bloesje van Rosiri. 'Zet em hier maar neer.'

Het regende in Geuzenveld. Rosiri zette de auto zo recht mogelijk naast de stoeprand. Achter een raam verscheen een vrouw. Ze had grijze krullen en keek geërgerd uit haar ogen. 'Hier oefen ik met al m'n leerlingen het bochtje achteruit, voor het raam van deze bijstandsdame, dat vindt ze namelijk niet leuk', grapte Bert. Rosiri controleerde haar dode hoek, draaide vervolgens als een idioot naar rechts en liet de koppeling los. De auto reed de stoep op. 'Niet zo vroeg indraaien', snauwde Bert. De bijstandsdame begon op het raam te tikken. 'Ophoepelen, oefen ergens anders je bochtje achteruit', gebaarde ze. Bert stuurde de auto terug. 'Nog een keer, en nu wachten tot je het snijpunt ziet komen.' Rosiri zette de auto in z'n achteruit en met zweet in haar handen draaide ze haar hoofd over haar schouder. De bijstandsdame kwam naar buiten. 'Weg hier!', schreeuwde ze, 'of ik haal de politie.' Rosiri draaide nu in één keer de hele auto op de stoep. 'Laat maar', mompelde Bert, 'Gas!'

Osdorp en Geuzenveld oogden zo grauw in februari dat Rosiri er neerslachtig van werd. Maar blijkbaar waren dit de beste wijken om te leren rijden. Op kosten van Ton had ze zich ingeschreven voor deze spoedcursus van dertig dagen. De veertiger wilde niet dat Rosiri hem zomaar zou vergeten en had haar daarom iets duurzaams cadeau gedaan. Rosiri was van plan binnenkort naar haar nieuwe vlam in Heerlen te verhuizen en had direct het aanbod van Ton geaccepteerd. Met een rijbewijs was ze onafhankelijk en hoefde ze niet aan haar ouders te vragen of die met spullen vier keer op en neer konden rijden naar Limboland.

'Niet inkakken hè?', zei Bert. 'Bij je linkerbuitenspiegel staat je moeder en bij je rechterbuitenspiegel je oma. En als je nou nog één keer vergeet te kijken, dan rij je ze dood.' Ze passeerden een rotonde en moesten stoppen voor een rood licht. Er stak een vrouw met een hoofddoek over. 'Gas!', schreeuwde Bert en Rosiri haalde haar voet van de koppeling. De auto bewoog zich voortplantingsgewijs en sloeg toen af. 'Eerder gassen dan', reageerde Bert, 'die hoofddoekjes mag je van mij op je bumper rijden.' Rosiri probeerde haar rij-instructeur te negeren en aan leuke dingen te denken. Volgende week zou ze bij haar nieuwe vlam in Heerlen carnaval gaan vieren. Ze verheugde zich er erg op en had zelfs geprobeerd een carnavalsnummer te schrijven. Verder was het bij haar vader een stuk rustiger omdat Naomi voor een tijd in Suriname was. Behalve dat ze elke dag belde, was het weer een beetje zoals vroeger. Rosiri keek melancholisch naar het asfalt voor zich en herinnerde de tijd dat haar vader alleen aandacht had voor haar en haar broertje.

'We gaan niet zitten janken in mijn auto hè?' Bert opende het dashboard en haalde er een potje met vitaminepillen uit. 'Dat gebrek aan besluitvaardigheid zie ik bij al die vrouwen.'

Rosiri werd een beetje opstandig van de man naast haar. Met zeventig per uur scheurde ze nu door de bebouwde kom. Ze nam alle bochten in z'n drie, zodat Bert tegen de zijkant van de auto werd gedrukt. 'Auw auw, m'n aambeien', klaagde Bert toen Rosiri extra gas gaf bij een verkeersdrempel. 'Nou moet ik die vanavond weer föhnen.'

Chagrijnig verliet Rosiri even later het ANWB gebouw. 'Raadsel voor morgen', riep Bert haar na. 'Zitten een Turk, Marokkaan en Surinamer in de auto. Wie zit achter het stuur?' Rosiri keek de andere kant op en sprong op haar fiets. 'De politie', galmde het in de wind. Wordt vervolgd...