Nuttig chatten? Pfff dunno

Historisch leren redeneren door te chatten. Dat werkt, blijkt uit promotie-onderzoek van Jannet van Drie. Jacqueline Kuijpers

Jannet van Drie: Dat er tijdens het werk ook over koetjes en kalfjes gesproken werd, kwam de opdracht alleen maar ten goede.' Foto evelyne jacq Europa, Nederland, Utrecht, 21-02-2006 Dr. Jannet van Drie, promotieonderzoek geschiedenis/computer Foto: Evelyne Jacq Jacq, Evelyne

Op het omslag van het proefschrift van Jannet van Drie staat een antieke zwarte Griekse vaas tegen een rode achtergrond. Niks bijzonders voor een historisch onderzoek. Maar wie goed kijkt, ziet dat de Griekse man op de vaas achter een laptop zit. Driftig aan het chatten waarschijnlijk. Want dat is waar onderwijskundige en historica Jannet van Drie eind vorig jaar op promoveerde aan de Universiteit van Utrecht: geschiedenis leren met behulp van nieuwe technologieën.

Haar onderzoek is één van de zeer weinige op dit gebied, vertelt Van Drie in haar werkkamer. Het meeste geld gaat naar de bètawetenschappen.' Toch mag juist het schoolvak geschiedenis zich al geruime tijd in grote belangstelling verheugen, maar nogal eenzijdig, vindt Van Drie. Het publieke debat spitst zich toe op welke feiten leerlingen zouden moeten kennen, de historische canon. Maar geschiedenis is meer dan dat. Het doel van geschiedenisonderwijs is het ontwikkelen van historisch besef, de betékenis van de feiten. De huidige sociale veranderingen in de wereld werpen de vraag op hoe je jongeren kunt voorbereiden op, bijvoorbeeld, de globalisering. En welke bijdrage kan het schoolvak geschiedenis daarin hebben? Om die vraag te kunnen beantwoorden moet je inzicht hebben in hoe leerlingen historisch leren redeneren. Ik wilde onderzoeken of het inzetten van een elektronische leeromgeving historisch redeneren ondersteunt.'

Historisch redeneren. Dat klinkt als een goed onderbouwde mening kunnen geven over uiteenlopende kwesties. Kunnen verklaren waarom de Franse Revolutie kon ontstaan, of, actueler, de multiculturele samenleving. Een essentiële vaardigheid dus, maar hoe leer je die? Van Drie: Door te doen. Door leerlingen onderzoeksopdrachten te laten doen, waarin ze diverse historische bronnen moeten gebruiken om veranderingen in de tijd te kunnen beschrijven en verklaren. Zo zetten ze, bijvoorbeeld in een essay, een argumentatie op. Maar het zou jammer zijn als het alleen bij opdrachten maken blijft. Want juist samen praten over de stof ontlokt historisch redeneren. Zoals in klassengesprekken, waarin leerlingen, samen met de docent, over historische thema's praten.'

Van Drie gebruikte voor haar onderzoek het softwareprogramma Virtual Collaborative Research Institute (VCRI). Dit door haar collega's Jos Jaspers en Gijsbert Erkens ontwikkelde programma biedt leerlingen de mogelijkheid om (geselecteerde) historische bronnen te bekijken, er samen over te chatten, de informatie samen in een schema te verwerken en uiteindelijk in een gemeenschappelijke tekst. Juist het 'samen doen' sprak Van Drie aan. Als je samen aan iets werkt, krijg je direct feedback van de ander. Het stimuleert je eigen denken en je komt sneller op nieuwe ideeën. Het gaat om de communicatie die dan ontstaat.'

Nuttig chatten dus. Voor sommige van de 170 leerlingen uit 5-vwo die meededen aan het onderzoek was dat wennen, vertelt Van Drie. Ze zijn gewend om in een sociale context te chatten, niet over een schoolopdracht.' Ze vond dat desalniettemin zo'n 80 tot 90 procent van alle chatcommunicatie betrekking had op de opdracht. Dat er ook over koetjes en kalfjes gesproken werd, kwam de opdracht alleen maar ten goede, zegt Van Drie. In haar proefschrift citeert ze Paul en Floris, volgens Van Drie niet het beste voorbeeld, maar wel leuk.

Paul: Zouden ze echt deze hele chats gaan lezen?

Floris: Pfff dunno

Paul : Ik zou wel wat beters te doen hebben als ik aan de universiteit studeerde/les gaf

Van Drie: Met dergelijke sociale communicatie verstevigen scholieren hun samenwerkingsband. Dat blijkt uit ander onderzoek rondom communicatie. Als mensen er niet uit komen, praten ze even over iets anders om elkaar te laten weten 'we zijn er nog niet, maar we willen er uit komen'. Daarna gaan ze weer verder.'

De opdracht die de leerlingen moesten doen was: schrijf een tekst over de vraag of de veranderingen in het gedrag van de jeugd in de jaren zestig van de vorige eeuw revolutionair waren. Daarvoor had Van Drie historische bronnen geselecteerd, die de leerlingen onderling moesten verdelen. Zo hebben beiden een deel van de info en zijn ze van elkaar afhankelijk. Dat maakt het moeilijker om mee te liften met de ander.'

Ter controle liet Van Drie de leerlingen voor en na het project een inhoudelijke toets maken. Daaruit bleek dat ze na afloop de stof een stuk beter beheersten dan in de voortoets.' Dat is een open deur. Interessanter is of de 'chatters' het beter deden dan leerlingen die zich op een traditionele manier over dezelfde vraag hadden gebogen. Maar dat heeft Van Drie niet onderzocht. Het doel van mijn onderzoek was te kijken hoe leerlingen historisch redeneren in zo'n elektronische leeromgeving en hoe je dit kunt ondersteunen. Uit alle chats die ik heb geanalyseerd blijkt dat de leerlingen op een redelijk niveau met elkaar historisch redeneren. De vraagstelling en het maken van een schema blijken hierbij van invloed te zijn. Ik kan niet zeggen of dit een betere manier is om geschiedenis te leren. Wat de waarde van het onderzoek is, is dat ik heb laten zien dat je met de computer meer kunt doen dan alleen maar informatie opzoeken. Samenwerken in een geïntegreerde elektronische leeromgeving ontlokt die processen die je als docent graag ziet: communicatie over historische onderwerpen en daardoor wellicht betere teksten. Het is een werkvorm die goed kan werken voor geschiedenis.'

En daar valt wat voor te zeggen. De computer is voor veel kinderen nog steeds een middel dat het nuttige met het aangename verenigt. Bovendien biedt nuttig chatten mogelijkheden voor de internationalisering die het voortgezet onderwijs in toenemende mate kenmerkt. Nu beschikken nog niet alle scholen over een elektronische leeromgeving die deze mogelijkheden biedt, maar wellicht kan in de toekomst de Hollandse Ahmet samen met de Amerikaanse George online een historische redenering opzetten over de aanleiding tot de oorlog in Irak.