Mensenrechtenraad VN nog in mist gehuld

In juni maakt de 60 jaar oude Mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties plaats voor een gloednieuwe Raad. Maar rond de overgang is nog veel onduidelijk.

In New York slaakten veel diplomaten donderdag een zucht van opluchting. Ze hadden, na maanden onderhandelen, eindelijk een tekst voor zich liggen over de oprichting van een gloednieuwe VN-Mensenrechtenraad. Die Raad moet vanaf juni de Mensenrechtencommissie vervangen, sinds 1946 dé instantie waar landen en niet-gouvernementele organisaties (ngo's) wereldwijde schendingen van de mensenrechten aan de kaak kunnen stellen.

Maar nu is de stress van New York op Genève overgeslagen. Gisterochtend begonnen diplomaten hier koortsachtig te vergaderen. Zíj zijn degenen die moeten bedenken hoe die Raad gaat functioneren. Daar is nog weinig over vastgelegd. 'We kijken in een glazen bol', zegt een diplomaat. 'Iedereen heeft er andere ideeën over. En we moeten het binnen drie weken bedenken.'

De Mensenrechtencommissie functioneert de laatste jaren steeds minder goed. Er zitten 53 landen in, die door hun eigen regio zijn gekozen. Zo zaten er vorig jaar notoire mensenrechtenschenders in, als Cuba, Zimbabwe en Sudan. Elk land lobbyde hard om resoluties tegen zichzelf en bevriende landen tegen te houden of te verwateren - met als dieptepunt vorig jaar een resolutie over Darfur die zo zwak was, dat zelfs Sudan er mee instemde. VN-secretaris-generaal Kofi Annan zei toen dat de Commissie 'een schaduw wierp over de reputatie van de hele VN'.

De nieuwe Mensenrechtenraad, een essentieel onderdeel van hervormingen die Annan binnen de VN probeert door te voeren, krijgt 47 leden. Die worden voor drie jaar door een meerderheid van VN-lidstaten gekozen. Landen die de mensenrechten schenden, maken zo minder kans op lidmaatschap. De Raad komt, verspreid over het jaar, tien weken bijeen. Dit resultaat, zeggen diplomaten, is 'een slap aftreksel' van wat Annan voor ogen stond - die wilde een kleinere Raad, door tweederde van de lidstaten gekozen, waardoor de lat hoger zou liggen. Maar velen wilden daar niet aan. De VN is zo sterk, of zwak, als haar lidstaten.

Als het goed is, wordt de compromistekst over de oprichting van de Raad volgende week door de Algemene Vergadering van de VN aanvaard. Niemand is tevreden - ook westerse landen niet, die zetels aan Azië verliezen. Maar iedereen weet dat er niets beters uit kan komen. 'Geen delegatie krijgt alles wat het wil', zei Annan gisteren diplomatiek.

Vandaar dat Genève nu in een hogere versnelling is geschoten. Ten eerste begint over drie weken, op 13 maart, de 62ste jaarlijkse zitting van de Mensenrechtencommissie. Normaal duurt die zes weken. Maar heeft dat nog zin? Nee, zeggen de Amerikanen, die een resolutie over Guantánamo willen voorkomen. Veel landen in Azië, Latijns Amerika en Afrika willen wél zes weken vergaderen - bij voorbeeld om mensenrechtenschendingen op Guantánamo aan de orde te kunnen stellen (al maakt zo'n resolutie, net als vorig jaar, weinig kans).

Ook Europa en Canada willen bijeenkomen: drie weken, geen zes. En niet zozeer om over inhoud te praten - de Commissie is te veel in diskrediet geraakt -, maar om te zorgen dat de goéde dingen van de Commissie niet ook verdwijnen. 'We moeten mandaten van rapporteurs verlengen, vergaderprocedures voor de Raad afspreken', zegt een diplomaat. 'Ook de vraag of ngo's bij de Raad mogen zitten, is in New York niet geregeld. Westerse landen willen de rapporteurs en ngo's houden. Zoals het in de Commissie was. Maar Pakistan en vele anderen willen er vanaf.'

Het allerlastigste is dat niet eens duidelijk is wie over deze fundamentele zaken beslist. De Algemene Vergadering, zegt de één. De vertegenwoordigers van de regionale groepen, weet een ander. Verwarring alom, in Genève. Áls er dit jaar een Commissievergadering komt, gaat het zeker een interessante worden.