Elk dorp elke dag in de krant

Zoals vrijwel alle kranten raakt ook het Brabants Dagblad lezers kwijt. De nieuwe, vrouwelijke hoofdredacteur Annemieke Besseling heeft een bescheiden ambitie. ,,Het is heel mooi als we de huidige oplage in stand houden.'

Annemieke Besseling (41) loopt over de gangalsof ze haast heeft. Zo loopt ze altijd, zegt ze. Maar ze heeft tegenwoordig dan ook bijna altijd haast. Om half elf leidt ze de ochtendvergadering op de redactie van het Brabants Dagblad in Den Bosch.

Besseling (lange blonde haren, spijkerrok, bruine laarzen) is er vanaf 1 april de nieuwe hoofdredacteur. Ze volgt in die functie Tony van der Meulen op, die weer gaat schrijven. Besseling is de enige vrouwelijke hoofdredacteur van een dagblad in Nederland.

Tijdens de ochtendvergadering, aan tafel met zes mannen en een vrouw, is zekritisch. Over een foto van de dag daarvoor: 'Tja, dat was het toch niet hè...'

Over een artikel over energie: 'Niet dat je dacht: dát wist ik nog niet.'

En over een interview met een schrijver: 'Was dat gísteravond? Dat hadden we dan toch vandaag al kunnen hebben?'

De chef van de nieuwsdienst zegt achteraf: 'Het is wel goed dat zij geen rekening houdt metbeperkingen waar wij tegen aan lopen.'

Besseling is vanaf 1 april niet alleen hoofdredacteur. Ze begeleidt komend jaar ook de overstap van zeven regionale kranten van de uitgever Wegener naar tabloid-formaat. Haar eigen krant, maar ook De Gelderlander, het Eindhovens Dagblad en de Provinciale Zeeuwse Courant. De kranten krijgen allemaal dezelfde indeling. Besseling heeft het 'pokkedruk'.

Als 's avonds haar kinderen (van twee en zes jaar) naar bed zijn, gaat de computer weer aan. 'Maar ook als het niet druk is, ben ik niet het type om voor de tv te hangen. Ik vind het werk léúk' Ook in de weekenden werkte ze geregeld. Haar man is huisman.

Door het tabloid-project kan ze niet zo veel op de krant zijn als ze wel zou willen. Daarom heeft ze het bureau in haar nieuwe kamer verplaatst. Het staat nu recht tegenover de deur, die open staat. 'Als ik er ben, is dat te zien. En mensen die binnenkomen, kijken niet eerst tegen mijn rug aan.'

Dit najaar zal de eerste regiokrant overstappen op het nieuwe formaat. De vernieuwing is ook een bezuiniging. Op een aantal terreinen wordt meer samengewerkt, zoals de verslaggeving over gezondheid. En omdat alle kranten dezelfde indeling krijgen, kunnen ze met minder mensen gemaakt worden, denkt Wegener. Bij het concern verdwijnen in totaal driehonderd banen.

Besseling wil nog niet veel zeggen over de tabloids. 'De plannen zijn nog in ontwikkeling.'Over haar eigen journalistieke lijn wil ze wel vertellen: de regio moet weer zichtbaarder worden.'Ik wil het liefst dat elk dorp elke dag in de krant staat. Lezers zoeken herkenning. Dat betekent dat je dus ook naar de Brabanthallen gaat, ook al is het de zoveelste keer. Want anders denkt de lezer:waarom staat wat mij bezig houdt niet in de krant?'

Ze vindt journalisten soms te elitair. 'Als er een expositie opent in het museum zijn we er als de kippen bij, maar een subtropisch zwemparadijs waar elk weekend iedereen met z'n baby ligt, haalt veel moeilijker de krant.'

De tijd van vanzelfsprekende ellenlange stukken ('vierkante kilometers') is wat haar betreft voorbij. 'Lange stukken mogen natuurlijk best. Maar ik denk dat je ook interessante pakketten moet samenstellen voor lezers met minder tijd. Dus niet alleen een doorwrocht stuk over de vogelgriep, maar ook een overzicht met wat feiten. Een kaartje - 'Waar ligt de Oostzee eigenlijk?' - en een vraaggesprek. Als die lezer daarna ook het lange stuk meepakt, is dat natuurlijk hartstikke mooi.'

Gaat haar aanpak de krant redden? Zoals bij vrijwel alle kranten daalt de oplage van het Brabants Dagblad gestaag. De krant heeft nu vijftienduizend abonnees minder dan in 2000. Vorig jaar zakte de betaalde oplage onder de 140.000 exemplaren. Besseling heeft een bescheiden ambitie. 'Ik denk dat het heel mooi is als we de huidige oplage in stand kunnen houden.'

Want de krant vecht tegen de idee dat 'nieuws tegenwoordig gratis is'. En dat het niet uitmaakt of het objectief en betrouwbaar is. 'Jongeren namen vroeger een abonnement op het moment dat ze gingen trouwen. Die vanzelfsprekendheid is er niet meer.'

Door de chef van de nieuwsdienst wordt Besseling 'daadkrachtig' genoemd. Ze beslist snel als hij haar een dilemma voorlegt. Vandaag is dat bijvoorbeeld de vraag of een foto gemaakt moet worden van een vader die demonstreert met een foto van zijn zoon. Die zou na een winkeldiefstal direct zijn opgesloten in een jeugdgevangenis, terwijl hij eigenlijk psychische hulp nodig heeft.

Besseling hoort het verhaal aan en beslist: maak die foto en zoek uit of het verhaal klopt. 'Is er niet meer aan de hand? Mijn zoon gaat echt niet weken het gevang in als hij één tasje steelt.' Of de zoon herkenbaar in beeld wordt gebracht, kan ze later nog beslissen. 'Híj heeft er zelf natuurlijk niet om gevraagd ineens in de krant te staan.'

Toen Besseling in 1989 als stadsverslaggever bij het Brabants Dagblad begon,had ze een tijdje het idee dat ze 'een fout' had gemaakt.Ze kwam van het Vrije Volk en daarbij vergeleken bleek het Brabants Dagblad 'wel een beetje een sufferdje'. Maar de krant veranderde, onder het bewind van Tony van der Meulen, en Besseling begon zich thuis te voelen. Ze bekleedde alle denkbare functies, was chef van de regioredactie Zaltbommel, de eindredactie, en werd een paar jaar geleden adjunct-hoofdredacteur. Toen Van der Meulen zijn vertrek bekendmaakte, was zij de enige die hem wilde opvolgen. Toch heeft ze de officiële sollicitatieprocedure doorlopen. De redactie steunde haar kandidatuur.

Dat ze vrouw is, was 'geen issue' bij haar benoeming.. 'Ik was er niet aan begonnen, als ze per se een vrouw hadden willen hebben.' Toch denkt Besseling wel dat er zoiets bestaat als vrouwelijke journalistiek. 'Ik heb het gevoel dat vrouwen in de krant vaker uitleggen waaróm iets belangrijk nieuws is.'

Over de foto van de vader en zijn zoon wordt later die dag besloten. Hij haalt de krant. De vader heeft sloffen aan en zitop een stoel voor het gebouw van de Jeugdzorg. Naast hem staat een eikenhouten bijzettafeltje. Daarop staan twee ingelijste foto's. Van een baby en een klein jongetje. Vanaf deze afstand onherkenbaar.