Césars in strijd tegen economisering van cinema

De brave Césars, de jaarlijkse zelffelicitaties van de Franse filmindustrie, zijn toch niet links en alternatief geworden? Grote favoriet bij de uitreiking vanavond is net als vorig jaar een geëngageerde kunstfilm.

Scène uit de film 'De battre mon coeur s'est arrêté' van Jacques Audiard, genomineerd voor tien Césars Foto 1morefilm scene uit de film "De battre mon coeur s'est arrete" Regie Jacques Audiard FOTO: 1morefilm 1morefilm

Wat is er aan de hand met de Césars? Sinds de instelling van de prijs in 1976 als het Franse antwoord op de Oscars, heeft de 'grote familie van de Césars' een solide reputatie opgebouwd als voorspelbare lofmachine van de Franse filmindustrie voor successen van eigen bodem. Met veel oog voor conventionele namen en weinig belangstelling voor artistiek gewaagdere films. De prijsuitreiking, tegenwoordig rechtstreeks op televisie bij Canal+, is vooral een geijkt glittergala - met prestige, dat wel.

Maar nu zijn de Césars links en alternatief geworden. Althans, dat schrijft het muziekblad Les Inrockuptibles deze maand, aan de vooravond van de uitreiking van de Césars 2006, vanavond in het Théatre Châtelet in Parijs. En met argumenten, die niet alleen dit linksig-alternatieve blad aanvoert.

Ten eerste is alom opgemerkt dat de ceremonie sinds een paar jaar in het teken staat van protest en ernst. In 2003 was de uitreiking van de Césars niet de enige manifestatie die uitdraaide op een protest tegen de - toen naderende - oorlog in Irak. Maar bij de Césars is die sfeer blijven hangen, ook al ontbreken de geëngageerde films die dit jaar al de toon zetten in Berlijn en in de aanloop naar de Oscars.

Vorig jaar in Parijs sprak Isabelle Adjani, die de avond leidde, plechtig over de zestigste verjaardag van de bevrijding van Auschwitz en over 'alle gijzelaars in de wereld', de Franse journaliste Florence Aubenas in Irak voorop.

Het is dus opletten of de opvolger van Adjani, Carole Bouquet, vanavond zal spreken over bijvoorbeeld de Frans-Colombiaanse gijzelaar Ingrid Bétancourt, juist deze week vier jaar gegijzeld door de FARC-legers in Colombia.

Wat in elk geval terug lijkt te komen, is het protest van de 'intermittents du spectacle', de contractarbeiders in de kunst. De laatste jaren werd bij de Césars steeds steun betuigd aan hun vakbonden, die chronisch overhoop liggen met de regering. Ook dit jaar zijn er acties aangekondigd.

En dat zijn maar de randverschijnselen. Ook veranderd is de filmkeuze van de 3.400 leden van de Académie des Arts et Techniques du Cinéma - de spreekwoordelijke 'grote familie' van de Franse filmindustrie - die mogen stemmen. Vorig jaar sleepte een film die 300.000 bezoekers had getrokken de hoofdprijzen weg voor - favoriete - publieksfilms als Un long dimanche de fiançailles, ( 4,4 miljoen bezoekers) en Les Choristes (8,6 miljoen). Die 'kleine' film was L'Esquive van Abdellatif Kechiche, een geëngageerd verhaal over het leven van beurs (Noord-Afrikanen) in de banlieue die zich aan een toneelstuk wagen. De film kreeg vier Césars waaronder die voor de beste film, het scenario en de regisseur.

Dit jaar geldt als grote favoriet De battre mon coeur s'est arrêté, van Jacques Audiard, genomineerd voor tien Césars.Volgens Les Inrocks zou 'De battre' een opvolger in stijl zijn van L'Esquive.De film gaat over een jonge huisjesmelker die zich met louche praktijken inlaat maar droomt van een carrière als concertpianist. Wederom dus kunst als tegengif tegen de rauwewerkelijkheid - werkzaam of niet. De leden van de Académie drukken volgens Les Inrocks via de Césars verzet uit tegen de toenemende economisering van de film.

Natuurlijk, in Frankrijk worden, met steun van onder meer het Centre National de Cinematographie, nog altijd tweehonderd films per jaar gemaakt. Maar de meeste van die films draaien niet langer dan drie weken, voordat ze voor nieuwe hits worden verdrongen. De toeloop naar bioscopen is vorig jaar in Frankrijk met tien procent teruggelopen.

De meestbezochte Franse film van vorig jaar, Brice de Nice, over de gelijknamige in felgeel gehulde komiek, goed voor 4,3 miljoen kaartjes, is niet in de race voor een César. En de pinguïnfilm La Marche des Empereurs, 1,8 miljoen bezoekers in Frankrijk, is alleen genomineerd voor 'rand-Césars' als montage, geluid en muziek. De battre trok vorig voorjaar een miljoen bezoekers.