Uitgaansverbod in deel van Irak om geweld in te dammen

In Bagdad, afgezien van de shi'itische sloppenwijk Sadr City, zijn de burgers vandaag thuisgebleven, gehoor gevend aan een uitgaansverbod dat de Iraakse autoriteiten hebben afgekondigd om een eind te maken aan het sektarisch geweld dat na de aanslag op de Gouden Moskee in Samarra is opgelaaid.

In Sadr City waren strijders van de radicale shi'itische geestelijke Muqtada Sadr massaal op straat.

Iraakse politiemannen en militairen waren in grote aantallen ingezet en stuurden de paar mensen naar huis die niet op de hoogte waren van het vannacht ingestelde uitgaansverbod. De autoriteiten wilden zo voorkomen dat het vrijdaggebed in de moskeeën tot massademonstraties en verder geweld zou leiden. In de 24 uur na de aanslag in Samarra, woensdag, werden meer dan 130 mensen gedood. Ook werden tientallen sunnitische moskeeën aangevallen.

Behalve in Bagdad werd een uitgaansverbod afgekondigd in de provincies Diyala, Babylon en Salaheddin, waar Samarra ligt. De inwoners van Samarra, een overwegend sunnitische stad, kregen vandaag te horen dat ze ze 'tot nader order' thuis dienden te blijven. Velen waren juist van plan een shi'itisch-sunnitische gebedsdienst bij te wonen die ter verzoening was georganiseerd in de Gouden Moskee, waarvan de met bladgoud bedekte koepel in puin ligt.

De maatregelen hielpen voorlopig het geweld te verminderen tot het normale dagelijkse niveau. In de zuidelijke stad Basra, waar geen uitgaansverbod gold, vond de politie de lijken van twee lijfwachten van het hoofd van een sunnitische religieuze instantie. Ook werden hier het zoontje en twee dochtertjes - tussen de 7 en 11 jaar oud - van een shi'itisch parlementslid ontvoerd. Maar het stond niet vast of dit een politieke wraakactie vormde, of een van de vele criminele losgeldontvoeringen was. In Latifiya, ten zuiden van Bagdad, drongen gewapende mannen een woning binnen en vermoordden er vijf van de aanwezige mannen.

Bij twee bomontploffingen werden gisteren ook zeven Amerikaanse militairen gedood. Vier van hen werden gedood in de stad Hawija en drie bij de stad Balad.