Strijdend tegen de anti-antisemiet

De Amerikaan Norman Finkelstein is nog steeds boos op hen die antisemitisme proberen te bestrijden door te doen alsof joden geen fouten kunnen maken.

Anti-Israëlische graffiti op een muur in Ramallah Foto AFPFoto AP/Muhammed Muheisen A Palestinian man walks past anti Israeli graffiti painted on a wall in the West Bank town of Ramallah, Friday, Dec. 23, 2005. (AP Photo/Muhammed Muheisen) Associated Press

Norman Finkelstein is terug. De man die in 1998 met A Nation on Trial een vlijmscherpe polemiek schreef tegen Daniel Jonah Goldhagen en diens Hitler's Willing Executioners en die in 2000 wereldberucht werd met zijn aanval op de 'Holocaust-industrie', richt nu zijn pijlen op een aantal vooraanstaande Amerikaanse verdedigers van Israël en op Israëls Palestijnen-politiek.

Beyond Chutzpah is een boek dat zich niet gemakkelijk 'los' laat lezen. Finkelstein gaat zeer gedetailleerd in op oud werk van voorlieden van de joodse anti-discriminatie organisatie de Anti-Defamation League, Nathan en Ruth Ann Perlmutter (The Real Anti-Semitism in America, 1982) en op recent werk van de beroemde strafpleiter Alan M. Dershowitz (The Case for Israel, 2003). Dat zijn boeken die in Nederland nauwelijks weerklank hebben gevonden, nauwelijks verkrijgbaar zijn en vrijwel onbesproken zijn gebleven. Toch is het boek van Finkelstein interessant in een tijd dat het Westen zijn oude, vaste standpunt ten opzichte van Israël - onvoorwaardelijk goed - heeft losgelaten en er geen nieuw vanzelfsprekend standpunt voor in de plaats is gekomen. Met zijn stellige redeneertrant en moeilijk te weerleggen conclusies over de verhouding tussen Israël en de Palestijnen biedt Finkelstein, docent politieke wetenschappen aan kleine DePaul universiteit in Chicago, op zijn minst interessante uitgangspunten voor debat.

Beyond Chutzpah (je zou het kunnen vertalen als: meer dan een gotspe) is eerst en vooral een polemiek. In twee van de drie delen richt Finkelstein zich op het werk van andere schrijvers. In deel een, 'The Not-So-New New Anti-Semitism', veegt hij de vloer aan met lobbyisten van antiracistische organisaties, die er inderdaad verbijsterende dubbele moraal en paranoïde ideeën op na houden als het om Israël gaat. Ron Rosenbaum, bijvoorbeeld, die in Those Who Forget the Past beweert dat het niet de zionistische joden waren die Palestina uitzochten als thuisland, maar de Europeanen die van de joden afwilden en hun expres een 'onverdedigbaar splintertje woestijn gaven in een zee van vijandelijke volkeren'. Bovendien zouden de Europeanen Israël expres te klein hebben gemaakt voor joden en Palestijnen samen, zodat die elkaar wel moesten gaan haten.

Om de oren geslagen

In dit deel komt Finkelstein terug op de kernbewering van zijn The Holocaust Industry: de wereld wordt harder met de tragedie van de jodenuitroeiing om de oren geslagen naarmate Israël meer internationale steun nodig heeft. In Beyond Chutzpah schrijft hij: 'Elke campagne tegen het 'nieuwe antisemitisme' viel samen met hernieuwde internationale druk op Israël om zich terug te trekken uit de bezette Arabische gebieden, in ruil voor de officiële erkenning van Israël door de Arabische buurstaten.'

Beyond Chutzpah is beter geschreven dan The Holocaust Industry. In dat boek was Finkelstein zo druk bezig zijn tegenstanders te vertrappen, dat hij soms vergat de argumenten te leveren. Zijn analyse van de instrumentalisering van het holocaust-taboe kon daardoor niet in de schaduw staan van die van Peter Novick die iets eerder The Holocaust and the Collective Memory had geschreven.

Misschien dat de absurditeit van Finkelsteins tegenstanders hem ditmaal van dienst is. Tegenover hysterici zoals psychologe Phyllis Chesler die zinnen schrijven als: 'Het is net of Hitlers bruinhemden uit hun graf zijn opgestaan, maar dan met meer, en hun smerige Kristallnachtwerk doen, overal en altijd', komt Finkelstein vanzelf naar voren als een uiterst evenwichtige wetenschapper. Toch wint ook hier zijn opwinding het soms van zijn gezonde verstand. Hij is zo boos op degenen die antisemitisme proberen te bestrijden door te doen alsof joden geen fouten kunnen maken, dat hij het omgekeerde beweert: dat antisemitisme een reactie is op fouten van joden. Dat is historisch gezien niet vol te houden; je kunt hooguit beweren dat de politiek van Israël bij excessen antisemitische gevoelens aanwakkert.

Maar deze uitglijder van Finkelstein is een uitzondering in Beyond Chutzpah. Het lijkt vooral een kwestie van nonchalant formuleren, want Finkelstein ziet wel degelijk reëel bestaand antisemitisme, zeker in de Arabische wereld, getuige zijn redenering in de inleiding: 'Ik concludeer dat indien, zoals alle studies stellen, het huidige ressentiment tegen joden samenvalt met de brute onderdrukking van Palestijnen door Israël, de verstandige, om niet te zeggen morele gevolgtrekking moet zijn om de bezetting te beëindigen. Een complete Israëlische terugtrekking zou de ware antisemieten, die de Israëlische politiek gebruiken als een voorwendsel om joden te demoniseren - en wie twijfelt aan hun bestaan? - beroven van een gevaarlijk wapen en hun verborgen agenda onthullen'.

Er is dan ook geen enkele reden de auteur van antisemitisme te beschuldigen, zoals in Amerika al is gebeurd. Daarmee bewijzen zij onbedoeld de juistheid van Finkelsteins bewering dat al wie kritiek heeft op Israël, als antisemiet verdacht wordt gemaakt.

En Finkelstein heeft kritiek op Israël. In deel twee van zijn boek verpakt hij die kritiek in een polemiek met Dershowitz die zijn hele gewicht als Harvard-professor en society-advocaat (hij stond onder meer O.J. Simpson bij tijdens zijn moordzaak en Mia Farrow in haar zaak tegen echtgenoot Woody Allen) inzette voor een openbare verdediging van Israël, in The Case for Israel. Het lijkt erop dat dit deel de aanleiding voor Beyond Chutzpah vormde. Finkelstein is al ruim een jaar in publiek gevecht met Dershowitz verwikkeld.

Het begon ermee dat Finkelstein in The Case for Israel verdacht veel passages tegenkwam die leken op From Time Immemorial van Joan Peters uit 1984. De centrale these van dat boek is dat er nauwelijks Palestijnen woonden in Palestina en dat de meeste van hen pas waren gekomen toen de eerste zionisten zich er vestigden. Het boek werd eerst juichend ontvangen, maar latere critici vonden er zo'n enorme hoeveelheid aan fouten, slordigheden en vooringenomenheid in, dat Finkelstein het nu kan karakteriseren als 'kolossaal bedrog'. Geen wonder dat Dershowitz onmiddellijk beweerde dat hij Peters' boek niet heeft gebruikt. Maar Finkelstein laat met een paar ontluisterende voorbeelden (onder meer uit een reisverslag van Mark Twain in Israël) zien dat Dershowitz oudere bronnen niet zelf heeft gezien, maar letterlijk ontleent aan Peters.

Strafpleiter

Belangrijker dan dit - al is het altijd mooi om te zien hoe de strik rond een oplichter wordt aangehaald - is wat Dershowitz met zijn boek wil en wat Finkelstein er tegenover stelt. De strafpleiter wil aantonen dat er geen land ter wereld is dat onder vergelijkbare dreiging meer moeite heeft gedaan dan Israël en er net zo goed in is geslaagd de hoogstaande normen van het recht te bereiken. Bovendien is er volgens hem geen land in de wereldgeschiedenis dat zo vaak, zo onterecht en hypocriet is veroordeeld en gekritiseerd door de internationale gemeenschap. In feite betoogt Finkelstein het tegenovergestelde. Beide geleerden stellen een dubbele moraal aan de kaak - het moet gezegd dat Finkelstein hier bepaald overtuigender is dan Dershowitz.

Als Dershowitz zonder verdere bronvermelding beweert dat de Israëlische belegering en gewelddadige inname van Jenin (april 2002) 'door velen wordt beschouwd als een model voor het voeren van een stadsoorlog', hoeft Finkelstein maar te verwijzen naar de rapportage van Human Rights Watch, dat van de Israëlische regering uiteindelijk toestemming kreeg ter plaatse onderzoek te doen. De mensenrechtenorganisatie bracht in mei 2002 een rapport uit waarin verschillende handelingen van het Israëlische leger worden betiteld als 'ernstige overtredingen van internationale mensenrechten'. Sommige overtredingen waren volgens de organisatie 'op het eerste gezicht' zo ernstig dat ze oorlogsmisdaden konden worden genoemd.

Zo dendert Finkelstein over Dershowitz heen. Deel drie van zijn boek is een reeks appendices waarin hij zijn documentatie met de lezer deelt, uitputtend, meestal overtuigend, soms onnodig gedetailleerd, maar altijd controleerbaar. Als het boek uit is, heeft Finkelstein zijn tegenstanders achter zich gelaten. Dan kunnen we terugkeren naar zijn inleiding, waarin hij vooral logisch redeneert naar zijn eigen conclusie: 'Van het Israëlisch-Palestijnse conflict wordt vaak gezegd dat het zulke uniek-diepe vragen aan de orde stelt, dat gebruikelijke analyse en conclusie niet volstaan [] De reden dat Israëls apologeten zulke vergelijkingen uit de weg gaan en maar blijven hameren op het unieke karakter van dit conflict is evident: in alle, enigszins vergelijkbare situaties - de Euro-Amerikaanse verovering van Noord-Amerika, het apartheidsregime in Zuid-Afrika - zou Israël aan de 'verkeerde' kant van de vergelijking komen te staan'.

Norman Finkelstein: Beyond Chutzpah. On the Misuse of Anti-Semitism and the Abuse of History. Verso, 332 blz. euro32,-