Politici bang voor ondernemer

Er gaapt niet alleen een kenniskloof tussen bedrijfsleven en politiek, de vertrouwenskloof is zeker zo groot, bleek gisteren bij een debat tussen ondernemers en politici.

Het debat over het thema 'directeur & politiek' was nog niet begonnen, of de toon was gezet. Ondernemers en politici sloegen elkaar met hevige verwijten om de oren. 'Politici weten niets van ondernemen', 'je wordt als ondernemer afgebrand door Den Haag' en 'politici steken hun nek niet uit voor het bedrijfsleven', sneerde de ene na de andere directeur.

'Als u beweert dat er geen ondernemersgeest rondwaart in de Kamer, doet u er beter aan op zaterdag niet te gaan golfen, maar eens naar een partijbijeenkomst te komen en u op de lijst te laten plaatsen', beet Tweede-Kamerlid Ineke Dezentjé Hamming (VVD) terug. 'Wat zijn de directeuren zuur', zei haar fractiegenoot Bibi de Vries. Als ze dit hoorde, dacht ze: blijf alsjeblieft weg uit de politiek.

Er gaapt niet alleen een kenniskloof tussen bedrijfsleven en politiek. De vertrouwenskloof is zeker zo groot. Dat werd duidelijk tijdens het debat in Den Haag, georganiseerd door het Nederlands centrum van directeuren en commissarissen (NCD). Een onderzoek van het NCD, dat als opwarmertje werd gepresenteerd, bevestigt dat.

Ondernemers hebben geen hoge dunk van de politiek, zo bleek. Politici beschikken over onvoldoende kennis van de praktijk van het besturen van een onderneming om over beleidsmaatregelen die het besturen raken te kunnen oordelen, luidde de eerste stelling. Daarop brandde het debat los.

Diette Doesburg-Maas van scheepswerf Maas Shipyard in Hoogezand, stelde zelfs bot dat alleen mislukte ondernemers de politiek ingaan. 'Waarom ga je de politiek in als je succesvol bent in het bedrijfsleven?' Politici steken hun nek niet uit voor ondernemingen, terwijl dat hard nodig is, want volgens Doesburg-Maas is er in Nederland bijna geen maakindustrie meer over. Sterker. 'Politici zijn bang voor ondernemers', vond ze. En zij kon het weten, beweerde Doesburg-Maas, want ze had vele jaren bij het ministerie van Economische Zaken gewerkt.

Ook Philips Stibbe van Stibbe Management schaarde zich achter de stelling. Hij noemde de trend dat steeds meer bedrijven, zoals Stork, van de beurs af gaan zorgwekkend. 'De overheid doet nauwelijks iets aan industriepolitiek', zei Stibbe, terwijl de uitholling van de technologie in Nederland verder om zich heen grijpt. Zouden er in de politiek niet meer ondernemers actief moeten worden, desnoods tegen een jaarsalaris van 150.000 euro, vroeg hij zich af.

Dat liet Stef Blok, VVD-Kamerlid, niet op zich zitten. 'U herinnert zich toch wel de Joint Strike Fighter?' De Kamer had bewust gekozen voor aanschaf van deze innovatieve straaljager en niet voor bijstandsgerechtigden, hield Blok de zaal met ondernemers voor. Hij kreeg enige bijval van Jan Kamminga, voorzitter van de metaalwerkgevers (FME-CWM). Er zijn Kamerleden die veel kennis hebben, maar veel Kamerleden hebben geen kennis van zaken. 'Kijk wie hier komen opdagen', zei Kamminga. 'Wij zijn er allemaal. Maar ik zie slechts 8 van de 34 Kamerleden die hebben toegezegd. Die zijn ook nog van VVD en CDA. Door de anderen worden we niet serieus genomen.'

Toen PvdA-Kamerleden Ferd Crone en Thea Fierens halverwege het debat binnenkwamen omdat ze eerder in de Kamer moesten zijn, werden ze met enthousiast applaus ontvangen. De directeuren klonken wel fel over de politiek, maar ze hebben elkaar ook hard nodig. Als ze moeten kiezen, hebben de directeuren toch het liefst een pro-actieve overheid, zo blijkt uit het NCD-onderzoek.