Kamerkoor zingt soepel onder Paul Van Nevel

Concert: Nederlands Kamerkoor o.l.v. Paul Van Nevel. Programma met muziek van Alfonso Ferrabosco 'Il Padre'. Gehoord: 22/2 St. Janskerk, Gouda. Herh.: Breda; 24/2 Muziekgebouw aan 't IJ, Amsterdam; 25/2 Nieuwe Kerk, Den Haag; 28/2 Oosterpoort, Groningen; 1/3 Grote Kerk, Leeuwarden; 2/3 St. Laurenskerk, Alkmaar; 3/3 Pieterskerk, Utrecht; 4/3 Musis Sacrum, Arnhem.

Natuurlijk zijn er talloze 16de-eeuwse componisten wier namen vergeten zijn, en natuurlijk schreven ook zij soms meesterwerken. Toch blijft de confrontatie daarmee vervreemdend, zelfs beschamend. Alfonso Ferrabosco senior (1543-1588) hoor je dan wel niet jaarlijks, dirigent Paul Van Nevel maakte in de Sint Janskerk in Gouda duidelijk dat dat óns probleem is, en schuld noch loon van Ferrabosco 'Il Padre'.

De verhouding tussen Van Nevel (60) en oude Italiaanse muziek is gepassioneerd. Er was de affaire in 1994, toen hij werd verdacht van heling van uit de bibliotheek van Bologna gestolen muziekboeken. Veelzeggender is zijn speurtocht naar onbekende polyfone muziek, die bij zijn eigen Huelgas Ensemble en bij het Nederlands Kamerkoor in verrassende programma's resulteerde.

De klank van het Nederlands Kamerkoor stelde enigszins teleur tijdens een vorige samenwerking met Van Nevel - sinds dit seizoen ere-gastdirigent. Ook zangers worden ouder, en voor een topkoor is dat precair. De bezetting waarmee het koor nu langs tien steden trekt, is een drastisch andere. Er zingen maximaal drie vrouwenstemmen, de overige vijftien zangers zijn mannen. Ook de alten, van wie de jongste pas 21 is.

Van Nevel wisselt de bezetting voor het korte programma af, maar laat het koor steeds in kringopstelling zingen, waardoor hij het exact en soepel als een wiel kan aansturen. Ferrabosco, die polyfonie in Groot-Brittannië introduceerde, componeerde veelal kalm voortschrijdende lijnen, waarin kleuren opwellen, mengen en weer verdwijnen. Licht en frivool in het madrigaal Bruna sei tu, bitterzoet schurend in Dolci Ire en duister devoot in de Lamentationes Hieremiae. De grootste verrassingen schuilen daarbij in de manier waarop van de ene toonsoort naar de andere wordt gemoduleerd; drastisch, maar discreet.

Diplomaat was Ferrabosco in zijn muziek én daarbuiten, en het is tekenend voor Paul Van Nevel dat hij aan diens woelige levensgeschiedenis tussen het Engelse hof en het Italiaanse vasteland een verhandeling wijdt die leest als een detective. Voor het Kamerkoor leidde die kennis en haast vriendschappelijke gevoelens voor Ferrabosco in een strenge, beheerste aanpak, waarin de lijnen geconcentreerd en kleurrijk door de donkere, kille en veel te grote Janskerk zoemden.