'In mijn bikini papier prikken'

In de negende aflevering van '17', een serie gesprekken met bekende vrouwen over hun jeugd, Conny Breukhoven.

'Moeder van een groot gezin, dat wilde ik worden. Zelf kom ik ook uit een groot gezin, met een joodse moeder en een katholieke vader. Ik ben niet gelovig opgevoed. Mijn moeder wilde ons niet naar een katholieke kerk sturen, mijn vader ons niet naar de synagoge. Toen zeiden ze: dan maar helemaal niet.

'Ik was de jongste van vier: twee jongens en twee meisjes. Mijn zusje was negen jaar ouder. Mijn vader was slager, maar na een ongeluk werd hij afgekeurd. Als hobby kweekte hij tropische visjes achter in de tuin.

'Mijn moeder, met haar joodse handelsgeest, is die tropische visjes gaan verkopen, heeft zo wat geld bij elkaar gespaard. Toen zijn ze een kleine strandtent begonnen op Kijkduin, dat is uitgegroeid tot zes grote standpaviljoens. Op het strand zijn we eigenlijk opgegroeid. Al op m'n elfde runde ik in mijn uppie de souvenirs-tent.

'We hadden het financieel niet ruim. Mijn moeder bracht aan het eind van de week de lege flessen terug om van het statiegeld bij Jamin iets lekkers bij de koffie te kunnen kopen. We kregen van de buurvrouw de gekrompen truien van haar dochter die verkeerd waren gewassen, daar paste ik in. Dat kriebelde vreselijk in je nek. Met van die harde zweetplekken. Dat gevoel... Ik heb nog steeds een hekel aan wol.

'Ik had mijn eerste bikini gekocht. Mijn vader zei: 'Daar zit ik niet op te wachten, dat je met dat ding aan hier rondloopt'. Ik was een beetje zo'n Raquel Welch-type: smalle taille, grote borsten... 'Ga jij maar lekker het strand opruimen'. Als ik zo graag mijn bikini aan wilde, dan mocht dat, maar dan van 's morgens zes tot acht. Dus voordat ik naar school ging stond ik in mijn bikini de papiertjes van het strand te prikken en de strandstoelen buiten te zetten.

'Ik heb op school nooit echte vriendschappen opgedaan. De kinderen vonden het niet leuk met mij mee naar huis te gaan, want tussen de middag stonden de bakken met afwas te wachten en na schooltijd moest ik naar de zaak. Na een jaar huishoudschool werd ik er afgehaald: er moest gewerkt worden.

'Voor studeren kwamen de meisjes niet in aanmerking. Je ging gewoon werken en trouwde een man die voor je ging zorgen. Ik was nog maagd toen ik op mijn zeventiende mijn eerste vriendje kreeg - en op mijn achttiende trouwde ik.

'Ik lag een keer topless in Zuid-Frankrijk op het strand - iedereen lag topless maar ik had een maatje meer dan de anderen - toen een man naar me toe kwam die zei: 'Ik zou je wel een keer topless willen fotograferen.' Ik zei: 'Nou, daar heb ik geen zin in.' Toen zei hij: 'Ik heb al foto's gemaakt vanaf mijn balkon. Denk er maar eens over na.' Het was John Kelly, de beroemde fotograaf.

'In New York deed ik screentests voor 'James Bond' en 'Charlie's Angels'. Charlie's Angels kreeg ik toebedeeld, maar toen kreeg mijn zusje kanker. Ik belde mijn moeder op om te zeggen dat ik was uitgekozen. Ze begon te huilen en zei: 'Bij je zusje is een knobbel ontdekt. Ze moet geopereerd worden' en toen ben ik teruggegaan. De dood van mijn zusje was een dieptepunt in mijn leven.

'Ik kwam toevallig een keer iemand uit de muziekwereld tegen. Hij keek me aan en zei: 'Zo. Kan je nog zingen ook?' Ik zeg: 'Natuurlijk kan ik zingen, alleen noten lezen kan ik niet.' We hebben een demootje gemaakt en hij is met mijn foto's - ik deed inmiddels modellenwerk in Londen - naar Dureco gegaan. De directeur zei: 'Het maakt niet uit of ze kan zingen. Zij wordt bekend.' Maar ik kon wél zingen! Mijn eerste singletje heette 'In the heat of the night'. De componist hoorde het en zei : 'Oh Conny, je hebt zo'n hese, sensuele stem.' Ik moest een internationaal klinkende naam kiezen. Het werd Vanessa.

'Dit is mijn vierde huwelijk. Ook mijn beste. Ik heb nooit echt verkering gehad, dus dan vind ik vier mannen als je vierenvijftig bent ook niet zo veel! Mijn huidige man Hans heb ik leren kennen toen ik zesendertig was. Ik was jaren gescheiden. Ik dacht: ik begin niet meer aan een relatie . Ook niet aan een one night stand. Hans was de eerste man die zei: 'Oooh, wat heb jij een mooie groene ogen, ik val op je ogen.'

'Een film over mijn leven? Daar is niet genoeg celluloid voor. Ik zeg altijd: als je met je gezicht naar het verleden staat , dan sta je met je rug naar de toekomst.'