Hedricks spot

Zelfs als onze mannen vanmiddag heldhaftig toeslaan op de tien kilometer hardschaatsen, en zelfs als onze vrouwen morgen hetzelfde doen op de vijf kilometer, dan nog zeg ik: wat een vreselijke Spelen. Blij dat ze zondag afgelopen zijn. Houd alle medailles die we hebben gewonnen voor mijn ogen en nòg zie ik de spot van Hedrick levensecht voor me. Zonder woorden zegt het hoofd van Chad Hedrick: het is dat je met deze folklore medailles kunt winnen, anders was ik mooi in Amerika gebleven. Beetje basketballen, een sport bedrijven die er toe doet, iets voor echte mannen. Toen de helft van de deelnemers aan de duizend meter-race hun rondjes hadden gereden, zei hij met die irritante blik van hem iets wat voelde als een klap in mijn Gezonde Hollandse Gezicht. Hij zei, en ik verzamel moed om het te herhalen, dat dit de eerste keer was dat hij de duizend meter op internationaal niveau had gereden.

Fijn.

Op dat moment stond hij bovenaan. Hedrick zei er geheel onnodig bij dat hij de duizend meter vooral - waarom ons vernederen, wat hebben wij misdaan - als een opwarmertje zag voor de vijftienhonderd meter van twee dagen later. Het was helemaal niet de bedoeling dat de Amerikaan halverwege de race op de eerste plaats stond, maar ja, de benen moesten nu eenmaal in beweging worden gehouden. Ik verdacht hem ervan dat hij het provocerende wit van zijn neptanden opzettelijk blootlachte om het er bij ons nog eens extra in te wrijven. Wist die Hedrick wel dat ik vroeger op de grond voor de televisie urenlang rondetijden lag bij te houden aan de hand van schema's in de krant? Dat wij Ard Schenk als een door God gezonden atleet beschouwden? De ijzers kusten van Ritsma en Romme? Hardschaatsen, kortom, als een topsport beschouwden?

Hedricks landgenoot Cheek is zo mogelijk nog erger. Na zijn goud op de vijfhonderd meter vond hij dat schaatsen best funny, verklaarde hij. Want, en ik heb geeneens zin om die vervloekte woorden te vertalen, I'm skating 'round in tights, right? Je had die smile moeten zien, jongen. Alle zwaarwichtige betogen van al onze helden over verzuring en ronde schema's en slappe benen verdampten door de glimlach van een yankee die kennelijk het gevoel heeft dat hij Olympisch kampioen is geworden op een manier die hij thuis niet aan zijn vrienden durft te vertellen.

Over die andere Amerikaan, een zwarte uit het getto van Chicago die gecoacht wordt door zijn moeder, wil ik het niet eens hebben. Ik kan er niet meer tegen.

Zondag lekker naar het voetbal. Dát is tenminste topsport: de Amerikanen proberen het al dertig jaar en het lukt ze nog steeds niet.