Strijd tegen ETA verscheurt Spanje

De strijd tegen de Baskische terreurbeweging ETA is in Spanje uitgegroeid tot een verbale oorlog tussen de regering-Zapatero en de conservatieve oppositie.

De Spaanse premier José Luis Rodríguez Zapatero liegt en wil elke prijs betalen voor een wapenstilstand met de Baskische terreurbeweging ETA. Oppositieleider Mariano Rajoy liegt nog harder en spant, in het zicht van een mogelijke vrede, terreurslachtoffers schaamteloos voor zijn politieke karretje.

Het goede nieuws is dat er meer dan duizend dagen voorbij zijn zonder slachtoffers bij aanslagen van de ETA. Bijna twee weken geleden kondigde premier Zapatero hoopvol aan dat hij uitzicht had op 'het begin van het einde' van de ETA-terreur. Het slechte nieuws is dat het sindsdien oorlog is in de Spaanse politiek.

Met de verbetenheid die nu al geruime tijd in haar kringen heerst, begon de conservatieve Partido Popular een frontale aanval, waarin de Spaanse premier bijna voor landverrader werd uitgemaakt. Zapatero zegde gistermiddag in het parlement toe dat er geen aparte Baskische staat komt en ook geen andere concessies aan de ETA zullen worden gedaan.

Maar volgens oppositieleider Rajoy toont de premier meer begrip voor de terroristen dan voor de hun slachtoffers. Het zou hem aan 'overtuiging en zin' ontbreken om de ETA te verslaan. En het was, aldus Rajoy, een 'objectief feit' dat de onderhandelingen met de ETA al in volle gang zijn en dat het nog slechts een kwestie van tijd is voor alle veroordeelde terroristen vrij komen.

De regering stelt al maanden dat er helemaal geen rechtstreekse contacten zijn met de ETA, laat staan dat er gepraat wordt over concrete concessies voor het definitief neerleggen van de wapens. Ook wijst de regering erop dat er nog nooit zo veel ETA-aanhangers vastzitten als op dit moment en dat de politie onverminderd jaagt op terroristen.

Maar op de oppositie maakt dit geen enkele indruk: keer op keer eist zij 'onmiddellijke correctie van de antiterreurpolitiek', waarbij zij suggereert dat de huidige regering de teugels laat vieren nu er mogelijk uitzicht is op vrede. Zapatero kreeg ook de schuld toen Henri Parot, een bekende seriemoordenaar van de ETA, na twintig jaar straf op vrije voeten dreigde te komen. Toen het Hooggerechtshof maandag besliste dat hij de volle straf van dertig jaar moet uitzitten, schreef PP-woordvoerder Ángel Acebes van dit 'fantastische nieuws' onmiddellijk op het conto van de Partido Popular. Dát was immers het beleid van de vorige conservatieve regering: geen enkele concessie tot de laatste terrorist gevangen zat en de rest de wapens had ingeleverd.

Op dit oppositionele tromgeroffel valt wel wat af te dingen. Zo werden de laatste 'vredesbesprekingen' met de ETA eind 1998 gehouden door de conservatieve regering-Aznar nadat de terroristen tijdelijk - niet definitief - hun wapens hadden neergelegd. Veel was bespreekbaar met deze Baskische beweging, zo verklaarde de toenmalige regering ruimhartig. Aznar had een moedige stap naar de vrede gezet, jubelde diens aanhang. Dat die stap uiteindelijk op niets uitliep, zou wel eens veel kunnen zeggen over haar huidige aanvalstactiek, zo hebben critici al opgemerkt. Door zoveel mogelijk rumoer te maken, moet worden voorkomen dat Zapatero slaagt waar Aznar faalde.

Ook zonder de oppositie kreeg het optimisme van Zapatero een deuk. Afgelopen weekeinde publiceerde de ETA een verklaring waarin op geen enkele manier werd gerept over een wapenstilstand. Naast het routineus opeisen van een aantal aanslagen werd tevreden geconstateerd dat in brede kring werd gesproken over burgerlijke en politieke rechten en rechten van de ETA-gevangenen.

De conservatieve oppositie zorgt intussen voor een novum door de antiterreurpolitiek volop in te brengen in het debat. Zapatero heeft er herhaaldelijk op gewezen dat de socialisten toen zij nog in de oppositie zaten altijd loyaal achter de regering stonden in de strijd tegen terrorisme. Veel resultaat had dat niet. Integendeel, de Partido Popular presenteert zich prominent naast de vele organisaties van slachtoffers van terreur. Die dringen er bij de regering op aan geen enkele politieke prijs te betalen. Deze eis willen ze zaterdag met een grote manifestatie kracht bijzetten. Het hele PP-top is voor deze gelegenheid opgetrommeld, inclusief Aznar.

In brede kring wordt onderkend dat de ETA het steeds moeilijker heeft om de 'gewapende strijd' vol te houden. De politiesuccessen van de laatste jaren hebben de organisatie danig verzwakt. Steeds meer aanhangers willen de wapens neerleggen.

Maar gisteren bracht de ETA in Bilbao nog een rugzakbommetje tot ontploffing. Er hing een spandoek naast waarop werd gewaarschuwd voor dé bom. Negen dagen geleden pakte de ETA de zaken steviger aan met een autobom bij een discotheek. Slachtoffers vielen er niet, maar de boodschap is duidelijk: ETA kan nog toeslaan. Minder duidelijk is wat de regering nog kan bieden in ruil voor definitieve beëindiging van het geweld.