Rechter Italië berispt bankier

Cesare Geronzi, de president van een van de grootste Italiaanse banken, Capitalia, is door de onderzoeksrechter van Parma voor twee maanden ontheven van zijn functie. Geronzi wordt verdacht van medeplichtigheid aan het faillissement van Parmalat, de melkmultinational die eind 2003 ten onder ging met een schuld van ruim 15 miljard euro.

Ook wordt Geronzi beschuldigd van woeker ten opzichte van Calisto Tanzi, de ex-president van Parmalat. Volgens het OM van Parma bestaat de kans dat Geronzi in andere situaties in herhaling valt en moet hij daarom zijn werkzaamheden neerleggen.

Het gerechtelijk verbod bereikte Geronzi dinsdagavond. In een reactie sprak hij van 'een ongefundeerde maatregel'. Zijn bank, waar ook de Nederlandse ABN Amro in deelneemt, zal in beroep gaan tegen de maatregel.

Volgens het OM zou Geronzi het bankroet van Parmalat hebben verergerd. Hij gaf de toerismetak Parmatour van Parmalat extra leningen. Zo zou hij hebben voorkomen dat deze reisonderneming en vervolgens ook Parmalat direct failliet gingen. Met uitstel van het bankroet stelde Capitalia Parmalat in staat om via nieuwe obligaties geld binnen te halen dat werd gebruikt om de schulden aan Capitalia af te betalen. Alleen al in 2003 zou Geronzi het financiële debacle van Parmalat met 3 miljard euro hebben verergerd.

De tweede aanklacht tegen Geronzi betreft woeker. Een van de voorbeelden die het OM noemt, dateert van de periode tussen januari 2002 en maart 2003. Toen redde Capitalia Parmatour met een lening van 50 miljoen euro, terwijl de bank wist van de ontoereikende reserves van Parmalat.

In ruil hiervoor legde Geronzi Parmalat op de mineraalwaterfabriek Ciappazzi te kopen. Tanzi betaalde 18 miljoen euro voor Ciappazzi dat vervolgens geen toestemming bleek te hebben om mineraalwater te verkopen.