'Hongaren krijgen niets meer cadeau'

De aloude verzorgingsstaat in Hongarije staat op de helling. De nieuwe generatie Hongaren 'leert voor zichzelf te zorgen', zegt topeconoom László Csaba.

'Als jullie van de Hongaarse staatstelevisie kwamen, dan was hier nu een ploeg van veertig man binnengemarcheerd', zegt László Csaba lachend. De econoom voert de imaginaire tv-ploeg aan ter illustratie van de inefficiënte resten van de Hongaarse staatssector.

Csaba is een positief ingestelde Hongaar die weidse vergezichten schetst voor de Hongaarse poesta. Europa heeft Hongarije alleen maar vooruitgang gebracht. De 'Hongaarse loodgieter' bestaat niet. Voor globalisering moet je niet bang zijn en dat de productie hier zo langzamerhand ook weer naar de nog lagere-lonenlanden in het oosten verdwijnt, ziet hij als teken van beschaving.

Dat is allemaal wel eens anders geweest.

'De welvaartsstaat in Hongarije is ontstaan in de jaren zeventig, toen iedereen dacht dat het communisme tot in de eeuwigheid zou duren. Toen is een universeel pensioensysteem ontworpen. Maar in de jaren negentig, na de val van het communisme, toen veel staatsbedrijven op de fles gingen, is het pensioensysteem misbruikt om overtollige mensen te lozen. Plots werd Hongarije een 'ziek' land: één op de vier werknemers werd arbeidsongeschikt verklaard.'

Een erfenis van het communisme?

'Nee, we wisten niet hoe we met de overgang naar het kapitalisme moesten omgaan. We dachten dat het hooguit twee jaar zou duren voordat de welvaart zou aanbreken. Maar plotseling steeg de werkloosheid tot boven de 10 procent en zakte het bruto binnenlands product met 12 procent in. Dat kon de staat financieel niet opvangen. Er volgden massaontslagen in de inefficiënte industrie en de binnenlandse vraag stortte in. Jonge mensen werden massaal arbeidsongeschikt verklaard. Mijn schoonvader was ingenieur. Hij ging op zijn 56ste met pensioen en kreeg toen twee keer zoveel als ik als fellow aan de universiteit.'

Maar hoe betaalt de regering dat groeiende leger inactieven?

'Dat is een onoverkomelijk probleem geworden. Er is een inactieve groep van 700.000 mensen die niet meer aan de slag komen. Daar komt bij dat de socialistische regering de ruim een miljoen kleine ondernemers gedeeltelijk heeft vrijgesteld van pensioenpremies. Dat was een politieke ruil: de socialistische partij is de partij van de kleine ondernemer. Het draagt er helaas toe bij dat de welvaartsstaat onbetaalbaar is geworden.'

Hoe staat Hongarije er sociaal-economisch voor?

'Het goede nieuws is dat er een economische groei is van 3,5 procent en we hebben een erg dynamische exportsector. In 2004 bracht die het recordbedrag van 45 miljard euro op, dat is hoger dan in Spanje. De inflatie daalt en de wisselkoers van de forint stabiliseert. Maar de overheid geeft teveel uit, aan bestuur, staatsbedrijven en sociale voorzieningen. We hebben met 830.000 ambtenaren een bureaucratisch waterhoofd. De beroepsbevolking is intussen teruggelopen van vijf miljoen naar 3,9 miljoen.'

Hoe moet de regering het sociale-zekerheidsstelsel hervormen en bestand maken tegen globalisering?

'De enige oplossing is een geleidelijke overgang naar een privaat stelsel. Neem de gezondheidszorg. Die is nog steeds helemaal gericht op ziekenhuizen. Als ik een kleine klacht heb, lig ik twee weken in het ziekenhuis. Er is in de zorg geen enkele afweging tussen prestatie en kosten, er zijn geen prikkels voor efficiënter beleid. Het enige wat daaraan te doen is, is grootschalige privatisering en dat is nu gaande.'

Maar wie kan zich behandeling in een dure privékliniek veroorloven?

'Het huidige systeem is hypocriet: iedereen betaalt onder tafel bij. Ongelijke behandeling is al een feit. Uit onderzoek blijkt dat mensen best extra willen betalen voor gezondheidszorg. Geef ze dan die mogelijkheid. Daarnaast moet je ziekenhuizen gaan afrekenen op hun prestaties. Meer concurrentie, meer controle. En laat het kapitaal toe, want de staat investeert niet. Interessant is dat de socialistische partij vóór hervorming van de zorg is, terwijl de conservatieve oppositie tegen is. Zij voeren nu campagne met de leuze: 'Gezondheidszorg is geen business'. Maar als er íets business is, is het wel de gezondheidszorg.'

Veel Europese landen kampen met een inflexibele arbeidsmarkt, die hun concurrentiepositie verzwakt. Hoe zit dat in Hongarije?

'In theorie hebben wij een overgereguleerde arbeidsmarkt, maar in de praktijk is het een Amerikaans systeem van hire and fire, want niemand houdt zich aan de regels. Het grote nadeel is dat velen amper sociale voorzieningen hebben. Die krijgen over 20 à 30 jaar een probleem, omdat ze geen pensioen hebben opgebouwd.'

Maar daarvoor wordt toch juist een privaat pensioenstelsel opgezet?

'Ja, maar daar zitten nog maar weinig mensen in. De verschuiving naar een privépensioenstelsel zou veel sneller moeten gaan. De aloude aanspraak op solidariteit kun je, met de vergrijzing, niet meer verkopen aan de jonge Hongaren. Die willen voor zichzelf sparen. Voor hun eigen gezondheid en pensioen. Mensen zijn volwassen genoeg om zelf keuzes te maken. In mijn jeugd was het ideaal: ambtenaar worden met een gegarandeerd pensioen. Dat wordt nu als een losers-loopbaan beschouwd. Men wil de 'gevaarlijke' privésector in.'

Zijn jonge Hongaren beter toegerust voor de harde toekomst dan wij, verwende westerlingen? Hebben ze minder te verliezen?

'Ja. Als je een baan hebt, duurt dat drie maanden en als je presteert, teken je voor drie maanden bij. That's it. Er zijn natuurlijk mensen die het oude systeem verdedigen, maar ze hebben geen antwoord op de vraag: wie moet dat betalen?

'Het is een generatiekwestie. Een groot deel van de bevolking heeft permanent in transformatiefases geleefd: van kapitalisme naar communisme, van communisme naar kapitalisme, en nu naar de Europese Unie en de euro. Zij hebben het gevoel dat ze al genoeg hebben geleden. Van hen kun je niet veel meer verwachten. Maar jónge mensen verwachten helemaal niets. In dit land krijg je niets meer voor niets, behalve hoger onderwijs, dat de staat wel grotendeels financiert.'

Nederland heeft het hoogste percentage parttime werkende vrouwen in Europa. Hoe is dat in Hongarije?

'In communistisch Hongarije werkte ruim 70 procent van de vrouwen. Na 1989 liep dat terug, maar nu neemt het weer toe. Vroeger bepaalde een baan je status, maar mijn kinderen en mijn studenten zoeken naar andere zingeving. Als vrouwen besluiten voor de kinderen te zorgen, wordt die keuze nu wel gerespecteerd. Kinderopvang is goed geregeld. Maar dat kun je je alleen veroorloven als je echtgenoot werkt voor een multinational of een middelgroot bedrijf.'

Wat heeft de Europese Unie Hongarije gebracht?

'Een gevoel van veiligheid, waardoor men zich waagt aan langetermijninvesteringen. We horen erbij, we worden niet langer geassocieerd met landen als Servië. Dat gevoel wordt breed gedragen.'