Beschouw de misdadiger als een mens

Beter dan gerechtigheid in de vorm van vergelding is gerechtigheid die tot verzoening leidt, meent Desmond Tutu.

In Zuid-Afrika, en eigenlijk over de gehele wereld, worden wij grootgebracht met een streng dieet van gerechtigheid in de vorm van vergelding.

Omdat het aantal geweldsmisdrijven schrikbarend toeneemt en ook afschuwelijke vergrijpen als verkrachting en misbruik van kinderen steeds vaker voorkomen, klinkt nu veelvuldig de roep - gesteund door een breed publiek - om een herinvoering van de doodstraf. Gelukkig heeft het Zuid-Afrikaanse Constitutionele Hof beslist dat de doodstraf - die we in Zuid-Afrika hadden afgeschaft zodra we werden bevrijd van de apartheid - ongrondwettig is.

Helaas lijken de mensen in hun hang naar vergelding op veel plaatsen in de wereld niet verder te zijn gekomen dan de bijbelse vermaning 'oog om oog'. In sommige moslimlanden worden zelfs in het openbaar de handen van veroordeelde dieven geamputeerd. Maar oorspronkelijk werd dit bijbelse gezegde juist aangehaald om te verhinderen dat bloedvetes het leven kostten aan de onschuldige familieleden van degene die de moord beging. 'Oog om oog' vraagt de schuldige als enige doelwit te kiezen, en geen anderen, wier enige misdaad was dat ze familie van hem waren.

Het gezegde 'oog om oog' was dus niet bedoeld in de zin die het gaandeweg heeft gekregen, namelijk dat een moord door een andere moord moet worden vergolden. Gelet op de gewelddadigheid uit de tijd van de apartheid zou dat in mijn geboorteland nooit hebben gewerkt.

Sommige Zuid-Afrikanen riepen op tot processen zoals in Neurenberg, vooral tegen de plegers van de gruweldaden die tot doel hadden het wrede apartheidssysteem te handhaven. Er werd geëist dat de schuldigen hun gerechte straf zouden krijgen.

Maar gelukkig was Neurenberg niet echt een mogelijkheid voor ons. Neurenberg vond plaats omdat de geallieerden de nazi's een onvoorwaardelijke overgave hadden afdwongen en daarmee een zogeheten overwinnaarsrecht konden opleggen. In ons geval konden de apartheidsregering en de bevrijdingsbewegingen elkaar niet verslaan. We hadden een militaire patstelling. Bovendien konden in het geval van Neurenberg de aanklagers en rechters na het proces hun koffers pakken en teruggaan naar hun huis buiten Duitsland. Wij moesten in ons gezamenlijke vaderland blijven wonen en met elkaar leren leven.

Zulke processen zouden waarschijnlijk bijna eeuwig hebben geduurd en blijvend gapende wonden hebben geslagen. Het zou moeilijk zijn geweest om voldoende bewijs voor veroordelingen te verkrijgen. We weten allemaal hoe gewiekst bureaucraten kunnen zijn in het vernietigen van belastend materiaal.

Het was dan ook een zegen dat ons land de weg koos van de Waarheids- en Verzoeningscommissie (TRC) - amnestieverlening in ruil voor de waarheid. Dit berustte in feite op de beginselen van het herstelrecht ((restorative justice ) en de ubuntu (een oud Afrikaans woord voor medemenselijkheid).

Tijdens de hoorzittingen van de TRC werden we geconfronteerd met gruwelijke details over de wreedheden die waren begaan ter handhaving of bestrijding van de apartheid. 'We gaven hem koffie met een slaapmiddel en schoten hem door zijn hoofd, en daarna verbrandden we zijn lijk. Omdat het zeven, acht uur duurt voordat een mensenlichaam is verbrand, aten we er braaivleis bij - we dronken bier en aten vlees.'

Hoe diep kunnen wij mensen zinken in onze onmenselijkheid!

Telkens als er zulke gruwelverhalen werden gepubliceerd, moesten we onszelf voorhouden dat dit inderdaad duivelse daden waren, maar dat de daders toch allemaal een kind van God bleven. Een monster heeft geen morele verantwoordelijkheid en is dus niet aansprakelijk.

Maar erger nog, wie iemand als monster bestempelt, sluit de deur voor mogelijke resocialisatie. Herstelrecht en ubuntu berusten op de stevige erkenning dat zelfs de ergst mogelijke misdadiger fundamenteel menselijk is.

We mogen niemand opgeven. Als het waar was dat mensen niet kunnen veranderen - eens een moordenaar, altijd een moordenaar - dan zou het hele TRC-proces onmogelijk zijn geweest. Dat heeft zich voltrokken omdat wij geloofden dat zelfs de ergste racist het vermogen had om te veranderen. En we hebben het in Zuid-Afrika niet slecht gedaan. Dat lijkt de rest van de wereld in elk geval te vinden van ons overgangsproces en onze TRC. Want 'oog om oog' kan nooit werken bij een conflict tussen gemeenschappen. Wraak leidt tot weerwraak, in het soort bloedspiraal dat we in het Midden-Oosten zien.

Het soort gerechtigheid dat Zuid-Afrika heeft toegepast, en dat ik 'herstelrecht' noem, is anders dan vergelding in wezen niet op straf gericht, is eigenlijk niet bestraffend. Het hecht grote waarde aan het helende aspect. De misdaad heeft een breuk in de betrekkingen teweeggebracht en deze breuk moet worden geheeld. De misdadiger wordt als een mens beschouwd, als een persoon met een besef van verantwoordelijkheid en een besef van schaamte, die in de gemeenschap moet worden gereïntegreerd en niet moet worden uitgestoten.

Er is een schat aan wijsheid te vinden in de oude gebruiken van de Afrikaanse samenleving. Gerechtigheid was een gemeenschapszaak en de samenleving hechtte grote waarde aan maatschappelijke harmonie en vrede. Er heerste de overtuiging dat een mens alleen mens is dankzij andere mensen, en dat een geschonden mens moest worden geholpen om weer gaaf te worden. Wat de misdaad had verstoord moest weer hersteld worden, en misdadiger en slachtoffer moesten worden geholpen om zich te verzoenen.

Gerechtigheid in de vorm van vergelding gaat vaak voorbij aan het slachtoffer, en het systeem is meestal onpersoonlijk en kil. Herstelrecht is hoopvol. Het heeft de overtuiging dat zelfs de ergste misdadiger een beter mens kan worden.

Dit impliceert geen slappe houding tegenover misdaden. Misdadigers moeten de ernst van hun vergrijpen inzien door het soort straffen dat zij krijgen, maar er moet ook hoop zijn, hoop dat de misdadiger een nuttig lid van de maatschappij kan worden als hij eenmaal de prijs heeft betaald die hij de maatschappij verschuldigd is. Als we doen alsof we echt geloven dat iemand beter kan worden, beter ís, dan zal hij onze verwachtingen vaak inlossen.

De Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Desmond Tutu leidde de Waarheids- en Verzoeningscommissie (TRC), die in zijn land na afschaffing van het apartheidsregime werd ingesteld. Hij kreeg in 1984 de Nobelprijs voor de Vrede. © Project Syndicate.