'Ik wil overal de beste in zijn'

Grote bedrijven proberen jong talent al in een vroeg stadium te ontdekken en te begeleiden. Deel 9 van een serie.

Joost Baeten (26) is ambtenaar. En high potential. Baeten werd met nog 100 anderen gekozen uit circa 3.000 sollicitanten voor het tweejarige Rijkstraineeprogramma. Hij werkt nu sinds september op het ministerie van Financiën. 'Ik was laatst op een borrel met andere trainees. Toen zei iemand: 'Weet je wel dat wij allemaal hipo's zijn?' Dat was voor het eerst dat ik het woord high potential hoorde.'

Het was voor Baeten een logische stap om bij de overheid te gaan werken, omdat de meeste studenten algemene economie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam daar naartoe gaan. De overheid leek hem ook een goede werkgever. 'Ik denk dat je in het bedrijfsleven vooral voor jezelf, de baas en de aandeelhouders werkt. Het gaat om winst maken. Ik wilde liever bij de overheid werken, omdat ik dan wat voor de maatschappij kan betekenen.'

Dat hij zijn werk zinnig wilde invullen, heeft volgens hem waarschijnlijk met zijn opvoeding te maken. 'Mijn ouders hellen over naar links - ze stemmen PvdA - en in dat verband past het wel dat ik niet alleen wil werken om mijn loon binnen te krijgen. We keken elke avond samen het journaal en aan tafel discussieerden we over gebeurtenissen in de wereld. Ik was maatschappelijk betrokken en voor zaken als kleding had ik geen interesse, zoals sommige klasgenoten.'

Baeten had al op 22-jarige leeftijd aan het werk kunnen gaan. 'Dat vond ik wat te vroeg, dus daarom ben ik nog een studie gaan doen: internationale betrekkingen aan de Universiteit van Amsterdam.'

Ook wilde hij wat meer van het buitenland zien. Hij studeerde een paar maanden in Zuid-Afrika, de Verenigde Staten en Costa Rica. In Costa Rica deed Baeten onderzoek naar immigranten uit het buurland Nicaragua. Hij wilde aan de weet komen welke immigranten succesvol waren en welke niet. 'Degenen die het armst waren in het land van herkomst en het laagste opleidingsniveau hadden, maakten in hun nieuwe omgeving de snelste ontwikkeling door.'

Migratie- en ontwikkelingsvraagstukken vindt hij erg interessant. Hij kon bij twee ministeries aan de slag, Financiën en Sociale Zaken, maar koos om het internationale aspect voor de eerste. Daar houdt hij zich bezig met buitenlandse financiële betrekkingen. Uiteindelijk zou hij graag bij de Wereldbank terechtkomen. Hij staat achter de missie van deze organisatie, die leningen en giften aan ontwikkelingslanden biedt om te helpen armoede te bestrijden. 'En het speelt mee dat de Wereldbank in warme landen gevestigd is.'

Baeten voelt zich niet zo gebonden aan Nederland. 'Ik vind juist met name de onderwerpen in The Economist boeiend. Vooral de politieke zaken.' Hij leest daarover veel, maar geen boeken. 'Ik heb nogal een korte aandachtsboog. Ik begin in veel boeken, maar lees ze zelden uit. Ik hou ook niet van films kijken. Het enige wat ik zie op tv, is voetbal.'

Deze sport houdt hem sterk bezig. Een van de publieke figuren die hij bewondert, is trainer Marco van Basten, 'omdat hij voor ons het EK in 1988 gewonnen heeft en in Duitsland wereldkampioen zal worden. Daar ben ik zeker van.' Zelf speelt Baeten, die een seizoenskaart heeft bij FC Utrecht, zelf zaalvoetbal. 'Helaas ben ik niet zo goed.' En dat zit hem behoorlijk dwars. 'Ik wil in alles wat ik doe, de beste zijn. Ik kan niet zo goed tegen mijn verlies. Als ik een overtreding moet maken om te winnen, zal ik dat zeker doen.'