Aristide: geen politieke functie

De voormalige president van Haïti Jean-Bertrand Aristide ambieert niet langer een politieke carrière in zijn vaderland. Hij wil wel 'zo spoedig mogelijk' uit zijn ballingschap in Zuid-Afrika terugkeren naar het land dat hij twee jaar geleden halsoverkop moest verlaten.

Dat zei Aristide gisteravond in een interview met het Zuid-Afrikaanse televisiestation SABC. Aristide doorbrak zijn stilzwijgen voor het eerst sinds de verkiezingen begin deze maand werden gewonnen door Aristide's vroegere vertrouweling René Préval.

Over de datum van zijn terugkeer wordt momenteel onderhandeld tussen de Zuid-Afrikaanse regering, Préval en de Verenigde Naties. Aristide zei na zijn terugkeer 'te willen blijven investeren in onderwijs' in het land waar meer dan 80 procent van de bevolking analfabeet is. Sinds het begin van zijn ballingschap in Zuid-Afrika, twee jaar geleden, doet Aristide met zijn vrouw onderzoek aan de politieke faculteit van de Universiteit van Zuid-Afrika. Hij werkt ook aan een boek.

De 63-jarige Préval, die vorige week onder zware internationale druk tot winnaar van de verkiezingen in Haïti werd uitgeroepen, verklaarde eerder dat Aristide 'van harte welkom is, mocht hij willen terugkeren'. Zijn opponenten zien Préval als een trekpop van Aristide die nu de stoel van zijn verdreven voorganger warmhoudt. Tegen SABC zei Aristide de zege van Préval ondubbelzinnig te erkennen. 'Hij is de gekozen president van het land. We moeten hem steunen zolang hij de wil van het Haïtiaanse volk respecteert.'

Préval was korte tijd premier in de jaren negentig toen Aristide nog president was. Préval was zelf president van 1996 tot 2001, toen Aristide weer tot president werd verkozen. In 2004 ontvluchtte Aristide Haïti tijdens een gewapende opstand tegen corruptie en dictatoriaal bestuur. Hij houdt vol tegen zijn wil Haïti te hebben verlaten en te zijn gekidnapt door agenten van de Amerikaanse en Franse regering. Zowel Washington als Parijs ontkent dat. De VS hebben gewaarschuwd dat Aristides terugkeer de stabiliteit van het land in gevaar kan brengen.