Sprookje `grijze rijken` blijkt niet te kloppen

Als illustratie bij het artikel van prof. dr. Braam `Ouderen worden ten onrechte als `grijze rijken` neergezet` (Opiniepagina, 17 februari) een kort excerpt van onze eigen situatie. Ik ben al 16 jaar met pensioen. In 1990 geloofde ik nog in het sprookje dat je met 70 procent van je laatst verdiende salaris door kon leven zoals je gewend was, omdat je minder belasting ging betalen en minder kosten had.

Dat sprookje blijkt niet te kloppen. Mijn salaris bedroeg destijds driemaal modaal. Dankzij 16 jaar flinke CAO-ronden voor werkenden en slechts 1 of 2 procent inflatiecorrectie per jaar door het pensioenfonds bedraagt ons pensioen+AOW nu een bedrag dat heel weinig meer is dan wat we nu modaal noemen.

Ons levensmiddelenpakket is nog steeds ongewijzigd, maar nu wel bijna driemaal zo duur als in 1990. De OZB is met een factor 6 gestegen, terwijl we nog steeds in hetzelfde huis wonen en geen plannen hebben om het te verkopen. De andere woonlasten zijn verdubbeld of verdrievoudigd.

De prijs voor de gemeentelijke diensten is viermaal zo hoog geworden. De nieuwe zorgverzekering is voor ons ruim 200 euro duurder uit bij gelijkblijvend pakket. Bij iedere nieuwe overheidsmaatregel zeggen wij: ”Daar komt de overheid weer een stuk van ons pensioen afpakken.” Netto blijft er niet veel financiële bewegingsruimte over.

Dat ”er op los reizen”, aldus oud-Kamerlid Hans Hillen, kunnen wij ons niet permitteren. Als ik op basis van een destijds toch bepaald niet slecht salaris nu zo krap in het geld ben komen te zitten, beklaag ik de mensen die toen minder verdienden dan ik. Ook beklaag ik degenen die straks een middelloonpensioen krijgen!