Poolse rijders

Het inzetten van Poolse chauffeurs in de Nederlandse transportsector zet een sluimerend loonconflict op scherp. De kwestie is essentieel voor iedereen die met de instroom van Oost-Europese arbeidskrachten te maken heeft.

De hoogte van het loon bepaalt mede de vraag naar en het aanbod van buitenlandse werknemers. De FNV, die zegt dat ze niet tegen open grenzen in de Europese Unie is, wil dat 'de Polen' tegen dezelfde prijs werken als de Nederlanders. Dat klinkt redelijk, maar de praktijk is een andere. Werkgevers, of het nu transporteurs in Brabant zijn of rozenkwekers in het Westland, zijn juist geïnteresseerd in Polen (Esten, Letten, et cetera) wegens hun lagere uurtarieven. Dat er scheefgroei is, laat zich raden. Niet alleen door zwartwerkers, maar ook door Polen die hier onder Poolse voorwaarden werk verrichten en ingeschreven staan bij Poolse vestigingen. Illegaal is dat niet, maar kloppen doet het ook niet. En toch gebeurt het op grote schaal. Want zo werkt de arbeidsmarkt: het water trekt naar het laagste punt, in dit geval naar de laagste lonen.

Het tarief waartegen gewerkt wordt en de geldende arbeidsvoorwaarden zijn onlosmakelijk verbonden met CAO's, collectieve arbeidsovereenkomsten voor de betrokken bedrijfstakken. De vakbond vindt dat er een veel strenger toezicht moet komen op de naleving van CAO's. Juist met het oog op ontduiking hiervan door constructies met behulp van buitenlandse vestigingen. Eerder werd in vakbondskring gesproken over invoering van een 'CAO-politie'. Als daarmee een nieuwe instantie wordt bedoeld, is dat een heilloos plan. Controle op de naleving van de CAO's is er allang: via ondernemingsraden en de vakbonden zelf. Illegaal werk is uit den boze. Daarop moet streng worden gecontroleerd. Maar een speciale CAO-politie die toeziet op naleving van de arbeidsvoorwaarden en die controleert of iedere buitenlander hier hetzelfde krijgt als een Nederlandse werknemer, vergroot de bureaucratie.

Het gaat bovendien voorbij aan het wat het echte vraagstuk is: de prijs van arbeid. Die is hier te hoog, en dat kunnen we moeilijk de Polen kwalijk nemen. Het is een typisch Nederlands en West-Europees probleem. De instroom van relatief goedkope Oost-Europese arbeidskrachten in landen als Nederland, Duitsland en Groot-Brittannië heeft een matigende invloed op de ontwikkeling van het loonpeil in de EU. Dat is alleen maar goed. Streven naar gelijktrekking op het hoge, West-Europese niveau is de dynamiek van de arbeidsmarkt negeren; een ongewenste ontwikkeling.

Nederland en Europa zijn niet gebaat bij nog hogere lonen. Werkgevers en werknemers zouden daarentegen wél baat hebben bij verlaging van het minimumloon. En vooral bij CAO's die voorzien in aanzienlijk lagere loonschalen dan nu het geval is; CAO's dus die impliciet erkennen dat er loonsongelijkheid binnen de EU bestaat en dat het geen schande is om daarvan gebruik te maken - maar wel binnen een wettelijk kader.