Overleg van EU-ministers moet openbaar

De vergaderingen van Europese ministers moeten openbaar worden zodra wetgeving wordt behandeld die van nationaal belang is. Openbare vergaderingen zijn een vereiste voor nationale parlementen om Europese voorstellen kritisch te kunnen wegen.

Dit besluit hebben de vertegenwoordigers van de nationale parlementen uit alle 25 landen van de Europese Unie genomen, die maandag in Wenen bijeen waren. 'Een goed besluit', reageerde René van der Linden (CDA), voorzitter van de Eerste-Kamercommissie Europese Samenwerkingsorganisaties, na afloop van de bijeenkomst. 'Op deze manier willen we de besluitvorming dichter bij de burgers brengen', zei Godelieve van Heteren (PvdA) die als voorzitter van de Tweede-Kamercommissie Europese Zaken ook aan de bijeenkomst deelnam.

De vertegenwoordigers van de 25 parlementen waren het er ook over eens dat zij verschillende ophanden zijnde Europese regels met prioriteit willen toetsen. Het gaat hierbij om voorstellen die de Europese Commissie dit jaar wil doen op het gebied van echtscheidingen, liberalisering van de post en de groeiende hoeveelheid Europese agentschappen. Nationale parlementen willen toetsen of deze thema's Europese dan wel nationale wetgeving vereisen. Eind vorig jaar stelden Eerste en Tweede Kamer in Nederland al een lijst op van elf te verwachten Europese richtlijnen (wetten) die aan een nationale toets zouden moeten worden onderworpen.

Met openbare vergaderingen van de Europese ministersvergaderingen zou een einde komen aan de zogenaamde 'achterkamertjespolitiek' in Brussel. En de nationale toetsen moeten overbodige wetgeving uit Brussel voorkomen. Hiermee hopen nationale parlementariërs tegemoet te komen aan bezwaren van burgers tegen 'Europa'. Voor veel Nederlanders waren dit redenen om vorig jaar de Europese Grondwet af te wijzen. Een voorstel tot openbaarheid van vergaderingen was al vastgelegd in het Verdrag van Amsterdam, maar is nooit in praktijk gebracht.

'We hopen dat de Europese regeringsleiders het voorstel aannemen', zei Van der Linden die hiervoor zelf in de Eerste Kamer had gepleit. 'Als belangrijke vergaderingen over wetgeving openbaar worden, kan de pers deze bijeenkomsten volgen en kunnen ministers zich niet langer achter Brussel verschuilen.' Burgers kunnen dan zelf beoordelen of ministers zich hard maken voor nationale of Europese oplossingen voor bepaalde problemen. 'Met de unanieme steun van alle Europese parlementen lijken regeringsleiders weinig andere kanten op te kunnen', aldus Van der Linden.