Oranje sigaar stuitert door ijskanaal

Een zware crash maakte gisteren een einde aan de olympische missie van de Nederlandse bobsleesters Ilse Broeders en Jeanette Pennings. 'Dit is puur onrecht.'

Jaap Bloembergen

Voor de start van de eerste manche sloegen ze zichzelf letterlijk voor het hoofd, en schreeuwden ze elkaar met oerkreten nog moed in. Deze gerbuiken zijn een vast ritueel bij het bobsleeën, sinds vier jaar (Salt Lake City) ook een olympische sport voor vrouwen.

Ilse Broeders en Jeanette Pennings waren klaar voor het spel met de zwaartekracht. Na de start renden ze zich rot en vervolgens suisden ze in vliegende vaart naar beneden. De oranje 'sigaar' slingerde met een topsnelheid van 130 kilometer per uur door het ijskanaal. De onwetende toeschouwer hield zijn hart vast. Eén angsthaas of twee kamikazepiloten?

In de elfde bocht van het anderhalve kilometer lange parcours toucheerde de Nederlandse bobslee de zijkant van de olympische baan in Cesana Pariol. In de veertiende bocht sloegen Broeders en Pennings gedeeltelijk over de kop. In de zestiende bocht gingen ze vervolgens helemaal 'op hun dak', zoals een zware crash in sleekringen wordt genoemd. Dat was achteraf hun redding. De snelheid verminderde en de tweemansbob kwam tot stilstand.

Broeders en Pennings kwamen met de schrik vrij, van materiaalpech was ook geen sprake. Ze liepen slechts kneuzingen en schaafplekken op. Ze wandelden met de helmen in de hand, hevig huilend en elkaar stevig vasthoudend, naar de eindstreep en lieten zich vervolgens in een vrachtwagen - het vervoermiddel van finish naar start - lichamelijk verzorgen door de ploegarts van NOC*NSF. Hij constateerde slechts lichte verwondingen en vergezelde hen een kwartiertje later naar de vertrekplaats voor de tweede manche van de eerste wedstrijddag.

Voor de geestelijke begeleiding zorgde de chef de mission van de Nederlandse olympiërs. Ed Verheijen was zelf ook flink geschrokken en haastte zich na het zien van de televisiebeelden in allerijl van start naar finish. De mental coach kon toen nog niet zeggen of Broeders en Pennings aan de tweede manche zouden meedoen. Hij vergeleek de situatie met een auto-ongeluk. 'De bestuurder moet weer zo snel mogelijk achter het stuur gaan zitten om van de schrik te bekomen. Maar ja, hij of zij moet dat wel willen of kunnen.'

Na overleg met de Nederlandse dokter Tjeerd de Vries en de Duitse bondscoach Harald Czudaj werd besloten de tweede manche af te blazen. Na vier jaar van bloedserieuze voorbereiding hadden de stuurvrouw en haar remster het olympische avontuur in een halve minuut aan diggelen gereden. Hun collega's Eline Jurg en Kitty van Haperen realiseerden de twaalfde totaaltijd en mogen vanavond aan de finaleronde meedoen. Team Nederland 2 had ook geen reden tot juichen en deelde na afloop in een collectief tranendal. De deelneemsters van de andere landenploegen gaven in het voorbijgaan stuk voor stuk schouderklopjes.

'We wilden weer starten, maar konden niet zelf beslissen, omdat we nu te emotioneel zijn', verklaarde Broeders de opgave van Team Nederland 1. 'We zijn gewoon niet toerekeningsvatbaar, dus moeten anderen bepalen wat wijsheid is. Ik denk dat de trainer en de dokter een juist besluit hebben genomen. Je moet er als stuurvrouw met zulke snelheden wel bij zijn met je hoofd, want je moet ontzettend goed mikken', sprak de 28-jarige bobpilote in shocktoestand. Voor de goede orde: het stuur van een bobslee (negentig centimeter breed) bestaat uit twee dunne nylon koordjes, waarmee Broeders haar werk moet doen.

Haar remster, zoals bijna alle bobbers afkomstig uit de atletiek en een zus van nationaal recordhouder hoogspringen Wilbert Pennings, kon nauwelijks haar verhaal doen. Elke zin werd onderbroken door een huilbui. Ze had onderweg, achterin de slee, de meeste pijn geleden. Ze legde na afloop haar armen om de stuurvrouw die ook moeilijk uit haar woorden kwam. Twee meiden met een missie, twee pechvogels van de Spelen. Ontroostbaar, maar niet alleen.

Pennings (28) was al meer dan drie seizoenen schadevrij gebleven. Ditmaal hing ze half uit de bob, toen deze slagzij maakte. 'Het was puur een kwestie van overleven. Gelukkig zijn we helemaal op ons dak gegaan, anders hadden we hier misschien niet gestaan. Nu is het vooral een mentale klap. Ik voel meer ongeloof dan angst. Wij zijn echt niet bang voor de bob. We hebben gewoon domme pech gehad, anders kan ik het niet verklaren. In de voorbereiding ging het super. Hebben we hier nou keihard voor getraind? Dit is puur onrecht.'

Broeders, die ruim twee jaar niet was gecrasht, sprak over 'een weinig vergevingsgezinde bocht', toen ze de boosdoener bij naam noemde. 'Curve 14' is voor veel bobbers in Cesana Pariol scherprechter gebleken. 'Ik maakte een kleine stuurfout en heb die met alle macht proberen te corrigeren, wat ik achteraf beter niet had kunnen doen', erkende Broeders haar stuurfout. 'Dat tikje uit elf had ik niet met een overreactie moeten beantwoorden, simpel zat.'