John Scofield bij Metropole Orkest

Jazzgitarist John Scofield speelde zelden met een orkest. Vorige week was hij te gast bij het Metropole Orkest en genoot. 'Je muziek horen op zo'n grote schaal is ongelofelijk.'

'Doe mij een plezier John, en blijf in dit gedeelte uit de strijkers', zegt chef-dirigent Vince Mendoza. 'Jij mag daarná weer los gaan.' Jazzgitarist John Scofield (1951) knikt, glimlacht en gaat nog wat verder onderuit zitten. Zijn plek is midden in het orkest, nabij drums en vleugel. Opvallend hoog op zijn borst rust zijn gitaar.

Dat de strijkers in het Metropole Orkest jazz kunnen spelen vindt Scofield een ontdekking. 'Normaal klinken violen in de jazz vaak stijf. Omdat ze in hun klassieke traditie blijven, zit er vaak weinig ritme in. Deze strijkerssectie weet juist in een jazzritme te spelen. Ze swingen ja, ze begrijpen ritmes buiten de klassieke muziek en leggen accenten op de juiste momenten. De enige keer dat ik dát heb gehoord was in Brazilië.'

De Amerikaan repeteerde met het Metropole Orkest voor een gezamenlijk concert, vrijdag in het Amsterdamse Muziekgebouw aan het IJ, dat in maart wordt uitgezonden op Radio 4. Er klonken veelal Scofield-composities, gearrangeerd door Vince Mendoza, Jim McNeely en Florian Ross. Het concert sloeg aan. Een stuk als Polo Towers, afkomstig van zijn cd Überjam was uitermate groovy en stevig. En ook oudere nummers als Carlos en Peculiar van de cd Groove Elation klonken opzwepend en actueel.

De muzikale ontmoeting tussen de gitaarvirtuoos en het tweeënvijftig leden tellende orkest is twee jaar terug in gang gezet, toen Scofield optrad met zijn band in Amsterdam. Scofield is een oude muziekkennis van chef-dirigent, componist en arrangeur Vince Mendoza - hij speelt mee op Mendoza's vroege solo jazzalbums Start Here en Instructions Inside. Al nam Scofield 34 albums onder eigen naam op, slechts een enkele keer speelde hij met een orkest. 'Mendoza spreekt de jazztaal en kent de scene. Door hem is dit orkest ook jazzgeoriënteerd en ritmisch behendig.'

De musicus zegt kippenvel te hebben van de nieuwe arrangementen. 'Zoals mijn ballade Honest I Do nu klinkt, daarvan kan ik alleen dromen. Je muziek horen op zo'n grote schaal is ongelofelijk. Ik voel me als een kind op kerstochtend met cadeaus. De klank van zo'n orkest is geweldig.'

Scofield, die nooit gevoelloos door akkoordenschema's jakkert, is niet gewend bladmuziek te volgen of zich te laten leiden door een dirigent. Hij is eerder een instant composer die van elke improvisatie een liedje op zich maakt. Hij volgt alle aanwijzingen gedwee op. Als er ruimte is, en Mendoza knikt, neemt de meestergitarist zijn tijd en kleurt hij iedere noot in op zijn onnavolgbare wijze. Maar als het orkest er op sein van Mendoza weer bijkomt, kijkt de gitarist verschrikt op. Weer is hij de draad kwijt.

Voor het eerst sinds lange tijd voelt hij zenuwen, bekent de man die in '82 het vak leerde bij Miles Davis met wie hij drie jaar lang toerde, componeerde en platen opnam. 'Improviserend weet ik wat ik wil en wat ik kan. Maar precies de juiste noten spelen, het ritme tellen en de dirigent volgen, is mij ongewoon.'

Een nog onuitgesproken wens van het orkest is het maken van cd-opnames. Daar wil Scofield ook wel. 'Maar het duur, met zoveel mensen op de loonlijst', zegt hij. 'Dat de Nederlandse overheid een orkest als Metropole financieel ondersteunt, is grandioos. Al begreep ik ook dat er nu flink wordt bezuinigd. Hoe dan ook, zoiets is in Amerika ondenkbaar.'

Metropole Orkest en John Scofield: 13, 20/3 Radio 4 24-01 uur.