De stoere harp

'Het grote vooroordeel over de harp is dat het een instrument voor meisjes is. Engelachtige meisjes met mooie blonde haren en zijden jurken aan. Veel muziek die voor harp is geschreven past bij dat stereotiepe beeld. Maar er zijn ook stoere stukken voor de harp gecomponeerd, zoals de Rhapsodie van Grandjany. En de eerste harpisten waren mannen. Denk maar aan David uit de Bijbel, of Apollo en Orpheus uit de Klassieke Oudheid.'

Woensdag strijdt Remy van Kesteren (16) met vier andere finalisten op tv om de eerste prijs van de Nederlandse finale van het Eurovision Young Musicians Concours 2006, dat in het teken staat van Mozart en tijdgenoten. Wie wint mag meedoen aan de internationale finale van het Eurovision Young Musicians, dat door de EBU in bijna alle Europese landen wordt uitgezonden.

'De winnaars spelen in mei een openluchtconcert in Wenen voor 50.000 mensen. Het lijkt me tof om de harp een kwartier lang solistisch in beeld te brengen. De harp wordt meestal weggepropt achter in het orkest, en daardoor niet goed begrepen. Ik wil laten horen dat je op een harp veel méér kan doen dan met je vingers langs de snaren glijden. Je kan er zelfs op rocken! Het is een volwaardig solo instrument, met 47 snaren en zeven pedalen waarmee je halve tonen maakt. Die pedalen zijn je ademhaling, daar moet je vooral niet teveel bij nadenken.

'Zelf speel ik het liefste romantische muziek, met grote akkoorden en heel veel emotie erin. Maar nadat ik in 2004 het Prinses Christina Concours en het Vierde Nederlandse Harp Concours had gewonnen, mocht ik de Dansen van Debussy uitvoeren met het Nederlands Kamerorkest in het Amsterdamse Concertgebouw. Toen raakte ik ook in de ban van het impressionisme. Het is enorm spannend is om op je harp dat hele arsenaal aan klankkleuren op te roepen.

'Woensdag speel ik twee delen uit het Harpconcert van Händel. Die muziek is niet zo stoer, het is echte barokmuziek. Eigenlijk had ik het Harpconcert van Boïeldieu willen spelen. Maar omdat ik samen met mijn broer een reis naar Kenia heb gemaakt, waarvoor we jaren hadden gespaard, bleef er te weinig tijd over om Boïeldieu in te studeren. Erika Waardenburg, mijn lerares, vond het te kort dag. Ik denk terecht, maar zelf ben ik een waaghals. Als ik met mijn vader bergen beklim wil ik altijd maar doorgaan. Ik heb de neiging mezelf te overschatten, en dan eindigen we in een sneeuwstorm.

'Dat ik harp ben gaan spelen komt door mijn moeder. Zij speelde af en toe dwarsfluit met een Keltische harp, gewoon voor de lol. Als klein jongetje raakte ik zó gefascineerd door die harp, dat mijn moeder een 'troubadourtje' voor me heeft gekocht. In het begin speelde ik alleen maar Keltische muziek. Zo kreeg ik zelf oor voor muziek. Ik leerde improviseren, ontdekte hoe ik allerlei gevoelens kon uitdrukken in muziek. Die vrijheid komt me nu nog steeds goed van pas.

'Volgend jaar doe ik eindexamen gymnasium, en als ik 18 ben wil ik naar New York, om bij Nancy Allen aan de Juilliard School te gaan studeren. Mocht ik ooit beroemd worden, dan wil ik over de hele wereld laten horen hoe mooi de harp is. Niet alleen in de concertzaal, maar juist ook in dorpjes in Afrika.'

De Avond van de Jonge Musicus: 22/2 20.25-21.55 uur NPS Ned. 3.