Birtwistle opmaat voor Wagner

Sommige muziek verdraagt geen voorspel. Wagners Parsifal, passend ingeluid door een eigentijds orkestwerk? Het lijkt zo goed als onvoorstelbaar. Toch bleek het symfonisch gedicht The Shadow of Night van de Brit Harrison Birtwistle (1934) zaterdag in de Matinee van het Concertgebouw volkomen overtuigend als opmaat tot de tweede akte uit Wagners 'Bühnenweihfestspiel'. In het voorwereldlijke gegrom en getinkel van Birtwistles monumentale orkestwerk leken vergelijkbare krachten te spelen als in Parsifal; leven, verleiding, dood, wederopstanding.

In The Shadow of the Night dwingt Birtwistle de luisteraar mee op een half uur durende, hallucinatoire reis naar het einde van de nacht, met melancholie als metgezel. In het gekreun van de bassen onder etherische blazers is het uiterst evocatieve nachtmuziek. Je hoort de wolken (bassen) langs de maan (blazers) glijden - ook omdat Ingo Metzmacher het Radio Filharmonisch Orkest als een muzikale reisleider voorging in een oplichtende, analytische benadering, en hij de soms bijna science-fictionachtige eigenschappen van de muziek nergens liet overkoken.

'Nacht' staat bij Birtwistle uiteraard voor meer dan maanlicht en contemplatie, maar zijn verregaande esoterisch-alchemistische verwijzingen maakten het werk alleen maar nog toepasselijker als opmaat voor de concertante tweede akte van Parsifal, dat immers ook tot in de tweeëndertigsten van symboliek is doordrongen.

Vooral de dramatische knooppunten bleken aan dirigent Ingo Metzmacher, chef van de Nederlandse Opera, in hoge mate besteed. Met vaart gaf hij de boosaardigheid van Klingsor scherpe kantjes, waaraan ook de krachtige, maar weinig kleurrijke aanpak van bas Oleg Bryjak bijdroeg. Als de reine dwaas Parsifal die hem te gronde richt was tenor Jörgen Müller vocaal degelijk (en dat is in deze rol al heel veel), maar wat weinig sensueel. Anderzijds maakte dat hem juist geschikt voor deze akte, waarin hij de verleidingskunsten van Kundry versmaadt. In die rol maakte Jeanne-Michèle Charbonnet de meeste indruk van de drie; haar Kundry was overtuigend als onstuimige verleidster en als barse zwerfster.

Dat de fraaie nachtkleuren van Birtwistle bij zodanig energiek gespeelde en gezongen Wagner uiteindelijk toch enigszins verbleekten, was onvermijdelijk. Maar ach, Wagners schaduw was in Birtwistle's orkestrale timbre vaak toch al een beetje aanwezig.

Concert: Radio Filharmonisch Orkest/Groot Omroepkoor o.l.v. Ingo Metzmacher. Programma: H. Birtwistle, The Shadow of Night, R. Wagner, Parsifal (2e akte). Gehoord: 18/2 Concertgebouw, Amsterdam. Radio 4: 21/2, 20 u.