Wind in eigen zeilen

Pieter Wind is directeur beleggingsstrategie van ING private banking. Dat is de afdeling voor mensen met een flink inkomen en/of vermogen, waar een bank aan kan verdienen. Een groep van een paar honderdduizend man, waarop iedereen in de financiële wereld jaagt.

Om die lui te bereiken moet je opvallen. Bijvoorbeeld met een pakkende advertorial. Dat is een advertentie in de vorm van een redactionele tekst in dagbladen en tijdschriften. Dat deed ING onlangs in onder meer NRC Handelsblad en HP/De Tijd. Daarin interviewt Wind zichzelf, als het ware. Een efficiënte aanpak voor de geïnterviewde, want je hoeft niet met zo'n onverschillige of kritische journalist te praten om vervolgens lijdzaam af te wachten of en hoe jouw boodschap in de krant komt.

Een advertorial kan leerzaam zijn, mits er aantrekkelijke ideeën voor lezers/potentiële klanten in staan. Daarop zal een onafhankelijke (niet betaald door de bank) journalist de nadruk leggen. Maar Wind heeft die kans gemist. Zijn strategie richt zich meer op de belangen van de bank dan op die van klant. Dus blaast Wind vooral in eigen zeilen en niet in die van zijn klanten.

Zo stelt de ING-strateeg: 'Ik durf te stellen dat een hoop beleggers zich te veel richten op de successen uit het recente verleden. En ze zien losse aandelen [aandelen in bedrijven, red.] nog steeds als hoofdmoot van hun beleggingen. Terwijl met de huidige inzichten een groot deel van de beleggingen juist in (beleggings)fondsen zou moeten zitten. Dat geeft de mogelijkheid om de beleggingen wereldwijd over verschillende sectoren te spreiden. In combinatie met een actief beheer dat inspeelt op economische cycli, maakt die een portefeuille toekomstvast.'

Kortom het bekende dilemma: beleggingsfondsen versus aandelen in ondernemingen. Of: laat je geld beheren door professionals van onder meer een bank en ga niet zelf knoeien met aandelen en obligaties. De Wind: 'Helaas blijkt de [zelf doen] aanpak vrijwel nooit de gewenste rendementen op te leveren.' Het is bekend dat de banken meer verdienen aan deelnemers in fondsen dan aan zelfdoeners.

Jammer dat Wind nergens de in het verleden behaalde en de verwachte rendementen van zijn afdeling noemt om die te vergelijken met aandelen. Bijvoorbeeld die van zijn werkgever ING. In de afgelopen twaalf maanden behaalde dat aandeel circa 40 procent rendement, waarvan 5 procentpunt dividend. Reken je vanaf het dieptepunt van 20,72 euro op 28 april 2005, dan nader je zelfs de 55 procent rendement. Dat is wijsheid achteraf, maar het zegt veel over de potentie van degelijke aandelen. Daarbij is ING wereldwijd actief in vele sectoren (onder meer via kredieten) en speelt in op economische cycli. Precies wat de Wind adviseert voor de fondsen.

Je moet natuurlijk niet al je geld in ING stoppen. Spreiding is noodzakelijk. Die bereik je door bijvoorbeeld nog vier multinationals in je portefeuille te stoppen. Bijvoorbeeld DSM, Philips, Royal Dutch en Unilever. Of ondernemingen uit andere landen.

Pas daarbij op. Je moet niet op een (verondersteld) hoogtepunt van de beurs kopen, maar liever wanneer het bloed van de koersschermen druipt. Je geld staat dan misschien nog maanden op een spaarrekening, maar dat is geen bezwaar als dit in de toekomst meer rendement oplevert.

Voor een bank is zo'n windstilte niet acceptabel. Die wil een voortdurende stroom inleggelden van klanten. Bovendien richt men zich bij voorkeur tot het volk wanneer het ijzer heet is, en de beurs record naar record boekt. Zoals nu. Dan willen mensen ineens weer beleggen. Terwijl je het volk warm moet maken in ijzige tijden met lage koersen.

Een voordeel van een eigen portefeuille met internationals is het gebruik van callopties en putopties voor extra rendement en bescherming tegen koersdalingen. Je kan er ook nog allerlei strategische spelletjes mee spelen. Natuurlijk is dit niet eenvoudig, maar je kan raad vragen. De specialisten van ING bieden die hulp, mits dat past in je beleggingsprofiel. Het interview van en met Wind staat op www.ingprivatebanking.nl.