Volgrecht vereist collectieve afspraken tussen partijen

NRC Handelsblad van 9 en 10 februari besteedt uitgebreid aandacht aan de invoering van het volgrecht voor kunstenaars. In aanvulling hierop het volgende. Het volgrecht kent voor- en tegenstanders. Feit is dat ook Nederland er, krachtens Europese wetgeving, ‘aan’ moet.

Het droit de suite (en niet ‘suivre’) geldt in Nederland in tegenstelling tot wat meermalen gemeld wordt, (nog) niet voor erfgenamen van kunstenaars. Slechts levende kunstenaars van wie werk wordt doorverkocht boven de 3.000 euro, hebben recht op een vergoeding. In Frankrijk is dat drempelbedrag, zoals in alle ons omringende landen, veel lager waardoor de rechtvaardiging van dat volgrecht zoveel acceptabeler wordt: ook kunstenaars die nog niet arrivé zijn, krijgen een vergoeding bij doorverkoop van hun werk. Ook bekende Nederlandse kunstenaars ontvangen sinds jaar en dag volgrechtvergoedingen uit bijvoorbeeld Frankrijk en Denemarken.

In Nederland zal de administratieve rompslomp voor kunsthandel en veilingwezen vooralsnog meevallen dankzij de hoge drempel en het feit dat er vooral van reeds overleden kunstenaars een groot aantal werken wordt verkocht. Beeldrecht pleitte tevergeefs lange tijd voor collectieve afspraken tussen kunstenaars en marktpartijen en zal ook nu, bij het ontbreken daarvan, het voor alle partijen zo efficiënt mogelijk willen inrichten.