Rome biedt veel extatisch voor Dan Brown-fans

Dan Browns thriller, vernoemd naar beeldhouwer Bernini, trekt toeristen naar Rome, schrijft Cor van der Heijden . Een Bernini-rondgang door de Eeuwige Stad

De dood van paus Johannes Paulus II en de uitverkiezing van Joseph Ratzinger tot paus Benedictus XVI zorgden in het voorjaar van 2005 voor een piek in de bezoekersaantallen en nadien voor een aanzwellende stroom Poolse en Duitse pelgrims. Maar deze wisseling van de wacht in het Vaticaan is niet de enige verklaring voor de nog altijd groeiende populariteit van de Eeuwige Stad - toeristen blijven naar Rome stromen.

Een deel hiervan moet zeker op het conto van Dan Brown worden geschreven. Zoals Parijs de vruchten plukt van De Da Vinci Code, zo pikt de toeristenindustrie in Rome een graantje mee van Dan Browns boek Angels & Demons, zoals de oorspronkelijke titel van Het Bernini Mysterie luidt. In deze bestseller sleurt Dan Brown de lezer mee in een race tegen de klok langs verzegelde crypten, gevaarlijke catacomben, verlaten kerkgebouwen en overvolle pleinen met fonteinen. De hoofdpersoon - dezelfde als in De Da Vinci Code, professor Robert Langdon - heeft precies een etmaal de tijd om aan de hand van verhulde boodschappen het mysterie rond een geheim genootschap op te lossen.

Al snel - nou ja, in het boek pas op pagina 235 - ontdekken Langdon en zijn assistente Vittoria Vetra dat kunstwerken van Gianlorenzo Bernini verborgen aanwijzingen bevatten die in het verleden de leden van het genootschap van de Illuminati naar hun geheime ontmoetingsplaatsen leidden. Een reconstructie van deze onbekende route zou wellicht de oplossing van het mysterie kunnen brengen, waarmee de vernietiging van de kunstschatten van de Vaticaanse musea voorkomen zou kunnen worden.

genie uit napels

De keuze voor Gianlorenzo Bernini (1598-1680) is een voor de hand liggende: er zijn weinig kunstenaars die zoveel sporen in het huidige Rome hebben nagelaten als dit uit Napels afkomstige genie. Op een leeftijd dat anderen met bestek leren eten, hanteerde deze zoon van een beeldhouwer al een hamer en beitel. In 1506 verhuisden de Bernini's naar Rome, waar de vader opdrachten voor de Santa Maria Maggiore (een van de vier hoofdkerken in Rome) en de Villa Borghese binnengesleept had.

Het talent van Gianlorenzo bleef niet lang verborgen. Voor zijn vijfentwintigste vervaardigde hij in opdracht van kardinaal Scipione Borghese (die ook mecenas was van Peter Paul Rubens) een viertal beeldengroepen met klassieke of bijbelse verhalen als inspiratiebron. Tijdgenoten beweerden al dat Bernini het marmer met een souplesse en vaardigheid bewerkte alsof hij was kneedde.

Kardinaal Borghese was een groot kenner en verzamelaar van kunst. Een klein deel van diens enorme collectie, waaronder de werken uit Bernini's beginperiode, is nu ondergebracht in de Villa Borghese, een monumentaal onderkomen in een uitgestrekt park aan de noordelijke rand van het oude stadscentrum van Rome (later zag een telg uit het geslacht Borghese zich gedwongen een aanzienlijk deel van de kunstschatten te 'verkopen' aan Napoleon Bonaparte; deze zijn nu in het museum Het Louvre in Parijs te zien).

Een bezoek aan de Galleria Borghese is een goed beginpunt van een bezoek aan Rome met Bernini als leidsman. Het reserveren van toegangskaarten is overigens wel aan te raden omdat er per twee uur slechts 360 personen worden toegelaten. Mede door dit gelimiteerd toelatingsbeleid heeft de bezoeker ruimschoots de tijd én de ruimte om de beeldengroepen in optima forma te aanschouwen. Lees ter voorbereiding eerst de Metamorfosen van Ovidius en stel zelf vast hoe nauwgezet Bernini zich bij 'De roof van Prosperina' en bij Apollo en Daphne aan zijn inspiratiebron heeft gehouden.

moordkapel

Neem bij het verlaten van het park de uitgang bij de Pincio: het is gemakkelijker om deze heuvel af te dalen dan om hem te moeten beklimmen. Beneden, aan de noordzijde van de autovrij gemaakte Piazza del Popolo ligt een van de oudste parochiekerken van Rome, de Santa Maria del Popolo. In deze kerk is de Capella Chigi te vinden, waar een van de moorden uit Het Bernini Mysterie gepleegd wordt. De kans is overigens groot dat u deze kapel gesloten vindt: de katholieke kerk doet er alles aan om te voorkomen dat de belangrijkste door Dan Brown voor zijn boek geselecteerde locaties zich tot 'heidense' bedevaartsoorden ontwikkelen.

Liefhebbers van Bernini die over veel tijd en/of een goed loopvermogen beschikken, doen er vervolgens goed aan de Via del Babuino in te slaan, die regelrecht naar de Piazza di Spagna leidt. Onderaan de Spaanse Trappen staat de door Bernini ontworpen Fontana della Barcaccia, die door de Romeinen schertsend 'de gammele badkuip' wordt genoemd. Daarna naar Piazza Barberini voor de Fontana del Tritone en de nabijgelegen Santa Maria della Vittoria. In deze kerk, de meest barokke van Rome, staat het meest controversiële beeldhouwwerk van Bernini: Extase van de heilige Teresa.

KREUNENDE TERESA

In haar Vita beschrijft Teresa van Ávila een visioen van een bezoek van een engel. 'Ik zag in zijn hand een lange lans van goud, waarvan het einde een punt van vuur leek. Deze, zo leek het mij toe, werd meerdere keren in mijn hart gestoken en drong diep naar binnen. De pijn was zo hevig dat ik meerdere keren luid kreunde, maar toch was het zo onuitsprekelijk zoet, zodat ik niet wenste ervan bevrijd te zijn.'

Omdat Bernini - conform de wens van opdrachtgever kardinaal Federico Cornaro - zich strikt gehouden had aan deze woorden van Teresa, kreeg de bijna 3,5 meter hoge marmeren beeldengroep meteen een seksuele connotatie. Deze ondertoon werd door de plaatsing van het beeld nog versterkt. Behalve beeldhouwer en architect was Bernini ook ontwerper van decors voor toneelstukken. Hierdoor wist hij als geen ander hoe belangrijk de lichtval was. Een verborgen raam zette de engel en de kreunende Teresa in een onverwacht helder licht.

Bezoekers met minder tijd of energie kiezen vanaf Piazza del Popolo de kortste weg naar de Engelenburcht. Uiteraard wordt via de Ponte Sant' Angelo de Tiber overgestoken. Bernini ontwierp deze Engelenbrug als een monumentale kruisweg, waarop de zojuist uit de hemel neergedaalde engelen - gesuggereerd door de opbollende gewaden - de gelovigen de onweerlegbare waarheid van het evangelie en het goddelijke heilsplan voor ogen lijken te houden. Een kort bezoek aan de Engelenburcht is alleen al voor het mooie uitzicht over Rome én het van bovenaf bekijken van de passetto (de in de dertiende eeuw gebouwde overdekte corridor die de verbinding vormt tussen het Vaticaan en de Engelenburcht) de moeite waard.

Eenmaal weer buiten gekomen, lonkt - dankzij de zeer brede, in 1934 in opdracht van Mussolini aangelegde, Via della Conciliazione - de Sint Pieter al van verre. Zowel aan het exterieur als aan het interieur hiervan heeft Bernini zijn steentje bijgedragen. Het immense ellipsvormige plein vóór de Sint Pieter (inclusief de twee, zeventien meter brede colonnades met 284 Dorische zuilen en daarbovenop 140 beelden van heiligen, martelaren en pausen) is een ontwerp van Bernini.

Eenmaal binnen wordt de aandacht meteen getrokken door het gigantische baldakijn boven het pauselijke altaar dat, hoe kan het anders, ontworpen is door Bernini. De hiervoor benodigde negentig ton brons werd voor het gemak maar uit het dak van het Pantheon gesloopt.

na een overdosis cultuur

Na deze uitputtende tour de force (in Rome worden jaarlijks toeristen écht ziek van een overdosis 'cultuur') is het goed toeven op de terrassen rondom Piazza Navona. In het midden van het ovaalvormige plein - het vergt weinig fantasie om te zien dat dit vroeger een renbaan is geweest - staat een grote fontein. Het is weliswaar niet de grootste en beroemdste fontein van Rome, maar wél die van Bernini.

Werp dan, als variant van het ritueel bij de Trevi-fontein, met de rechterhand een muntje over de linkerschouder in het water. Want terugkomen moet: zowel Rome als Bernini geven immers na één bezoek hun geheimen niet prijs.