Meisjes met en zonder broer

Wie wil weten hoe het leven is in een beruchte Franse buitenwijk, huurt er een flat. Zevende en laatste bericht uit Les Minguettes, nabij Lyon.

Gert Van Langendonck

De vraag van de dag is: 'Denken jullie dat meisjes het leuk vinden om seks te hebben met vijf, zes jongens tegelijk in een trappenhal of in de kelder van een torenflat?' De scholieren van de tweede klas mechanisch onderhoud van het Lycée Marc Seguin gniffelen zoals 15- à 16-jarige jongens doen wanneer ze in het openbaar over seks moeten praten.

Maar het gespreksonderwerp vandaag is er een dat zelden ter sprake komt in het officiële curriculum. 'Als zij met die jongens meegaat dan wil dat toch zeggen dat ze het leuk vindt?', zegt iemand. 'Als ze niet wil, waarom zegt ze dat dan niet gewoon in plaats van achteraf te gaan klagen?', zegt een andere leerling. En: 'Het zijn allemaal verzinsels'.

Peggy en Myriam laten het allemaal over zich heengaan. Als vrijwilligsters van Ni Putes Ni Soumises , Hoer Noch Slavin, zijn ze wel het een en ander gewend. Deze beweging zag het licht in 2003, in het kielzog van een reeks betogingen van Franse vrouwen 'tegen de getto's en voor de gelijkheid'. Aanleiding was de dood van Sohane Benziane, een 17-jarig meisje dat levend verbrand werd door een groep jongens in de kelder van een torengebouw. Sindsdien toeren vrijwilligers als Peggy en Myriam langs de scholen in een poging het tij te keren. Heel vaak gaat het daarbij over tournantes, collectieve verkrachtingen.

Er zijn er al een paar geweest in de anderhalve maand dat we hier zitten. Eind december werd een jonge vrouw gekidnapt op de terugweg van Carrefour, de plaatselijke supermarkt, en vijf uur lang verkracht in een huis in de buurt.

Twee weken geleden nog stond in de plaatselijke krant het relaas van een 15-jarig meisje in een niet nader genoemde banlieue van Lyon dat gedurende de hele maand december collectief verkracht was door een groep jongens van dezelfde leeftijd.

De vrijwilligers van Ni Putes Ni Soumises worden uitgenodigd door de schooldirecties, in de wijken zelf is de beweging impopulair. Niet alleen bij de mannen, die zich gestigmatiseerd voelen, maar ook bij de vrouwen, die vaak vinden dat de beweging de situatie overdrijft en jongens en meisjes tegen elkaar opzet.

'Men verwijt ons dat wij een negatief beeld geven van de banlieue', zegt Neila, een andere vrijwilligster, 'maar het geweld is geen verzinsel. Men zegt dat wij opportunisten zijn, maar we zijn allemaal vrijwilligers, en ik kan je verzekeren dat het geen pretje is dat middeleeuwse gedachtegoed van de jongens te moeten aanhoren'.

Het hoeft niet altijd over tournantes te gaan. Gaan jullie wel eens op stap met meisjes uit jullie buurt, vraagt Peggy. Er volgt een luid gejoel. 'Natuurlijk niet want ik ken haar broers. Dat is een kwestie van respect.' En wat gebeurt er dan als jullie je zus met een jongen zien? 'Ik sla haar verrot', zegt Cédric, een jongen van Vietnamese afkomst. Hij balt zijn vuist: 'Zo regelen wij dat hier.' 'Zolang ik haar niet uit een kelder zie komen kan ze doen wat ze wil', relativeert Mohamed, 'maar een kelder? Ik vermoord haar'.

Peggy en Myriam proberen moedig het concept ingang te doen vinden dat 'elk meisje wel de zus van iemand is', en werpen de vraag op of meisjes uit andere buurten dan niet hetzelfde respect verdienen. Cédric is niet overtuigd: 'En wat dan als ze geen broers heeft?'

Maar de meisjes hebben nog een troefkaart: het verhaal van een jongen die had meegedaan aan een collectieve verkrachting in een donkere kelder. 'Pas toen hij achteraf het licht aandeed, zag hij dat het zijn eigen zus was.' Daar hebben de jongens niet van terug. Het blijft even stil in de klas. Misschien hebben Peggy en Myriam vandaag toch een paar bekeerlingen gemaakt.