Kodaly: Sonate op. 8

Pablo Casals herontdekte in het begin van de vorige eeuw de Zes suites voor cello-solo van Bach. In diezelfde tijd was de Hongaarse componist Zoltan Kodály wat Bach twee eeuwen eerder was voor het lage, toch verrassend wendbare instrument.

Kodály verkende in zijn Sonate voor cello-solo op. 8 uit 1915 alle technische en expressieve mogelijkheden van de cello. Het stuk is een verbluffende catalogus van wat de cello kan: diep donker sonoor ronken, maar ook flinterdunne, vreemde etherische en zelfs griezelige, spookachtig hoge noten laten horen. Kodály liep daarmee decennia voor op Luciano Berio, die met zijn sequenza's voor verschillende instrumenten de grenzen verlegde.

De Sonate, te beluisteren als een meeslepende solo-symfonie van ruim een half uur, wordt zeer virtuoos en met overrompelend elan gespeeld door Xavier Phillips, slavisch en zigeunerachtig. En dan volgt nog Kodály's Duo voor viool en cello, waarin Phillips' broer Jean-Marc meespeelt: dubbelmooi.

Kodaly: Sonate op. 8; Duo op.7. Xavier & Jean-Marc Phillips.