Inspanning beschermt vrouwen niet tegen dikkedarmkanker

Oudere vrouwen die dagelijks lichamelijk flink actief zijn, bijvoorbeeld met vloeren schrobben, zwaar tuinwerk of aerobics, krijgen even vaak dikkedarmkanker als hun minder actieve leeftijdgenotes. Het idee bestond dat inspanning tegen deze ziekte beschermt. Dat blijkt dus in ieder geval voor oudere vrouwen niet op te gaan.

In 1989 hebben medewerkers van het Amerikaanse National Cancer Institute bijna 32.000 voornamelijk blanke vrouwen van gemiddeld zestig jaar vragen voorgelegd over hun lichamelijke activiteit (International Journal of Cancer, online 17 februari). Het ging om een onderzoek naar borstkanker, maar de resultaten zijn ook benut voor het vaststellen van een beschermend effect van inspanning op dikkedarmkanker. In de daarop volgende tien jaar kregen 243 vrouwen dikkedarmkanker. En het bleek daarbij niets uit te maken hoeveel uur zware lichamelijke arbeid iemand per dag verrichtte.

Biologisch lijkt het aannemelijk dat er een verband bestaat tussen lichamelijke activiteit en dikkedarmkanker. Inspanning versnelt de passage van voedsel door de darm, waardoor de inwerking van eventuele giftige afvalstoffen korter wordt. Inspanning pept ook de afweer op.

Er is daarom al veel onderzoek gedaan naar een mogelijke invloed van inspanning op dikkedarmkanker, met wisselend resultaat. Als er al een effect gemeten werd, dan was dit bij mannen duidelijker dan bij vrouwen. Dat zou kunnen komen doordat een deel van de vrouwen niet buitenshuis werkt, waardoor lichamelijke inspanning bij hen moeilijker te bepalen is dan bij mannen. Dat gaat vaak aan de hand van het beroep, bijvoorbeeld door ambtenaren te vergelijken met handarbeiders. Huishoudelijke activiteit is tot dusverre niet meegeteld, terwijl dat toch de hoofdmoot is van de lichamelijke activiteit bij veel oudere vrouwen.

In het nieuwe Amerikaanse onderzoek is huishoudelijke arbeid wel meegeteld. De vrouwen werden onderverdeeld in vijf groepen al naar gelang de hoeveelheid tijd die ze besteedden aan lichte activiteit (TV kijken of autorijden), aan matige activiteit (stofzuigen, wandelen of een sport als golf), en aan zware inspanning (vloeren schrobben of aerobics). Meermalen per jaar werden de vrouwen ondervraagd.

Toch is er opnieuw geen effect te bespeuren van lichamelijke inspanning op dikkedarmkanker bij vrouwen. De onderzoekers sluiten overigens een bescheiden invloed niet uit. Veel vrouwen lijken hun lichamelijke activiteit te overschatten: de helft van hen zei dagelijks minstens een half uur flinke inspanning te verrichten. Als er een klein effect is op dikkedarmkanker, kan dat zo gemaskeerd zijn.

Bart Meijer van Putten