'Een potje afkraken' van Aaf & Paulien (en andere brieven)

'IL PRINCIPE' IS TONGSTRELEND RESTAURANT

Tot onze grote verbazing lazen wij in de de bijlage Leven &cetera van 4 februari een negatief artikel over ons favoriete restaurantje Il Principe in de Spijkerbuurt te Arnhem.

Wat een denigrerend verhaal! Waar is het goed voor dat de Spijkerbuurt, alias mooiste buurt van Arnhem, op een dergelijk minderwaardige en cynische manier beschreven moet worden? Welk een arrogantie spreiden de dames Aaf en Paulien in dit artikel ten toon.

Ze hebben zin in iets 'boertigs'?; 'Spijkerkwartierse instelling: niet zeiken gewoon eten'?;

'Een bord waar menig werkneemster(?) in het Spijkerkwartier rustig een nachtje op had kunnen teren'?

Op avontuur in de provincie, dames? Van wat voor adellijke afkomst zijn Aaf en Paulien zelf eigenlijk? Volgens ons hadden ze hier nooit naar binnen moeten gaan, want men ziet aan de buitenkant duidelijk de eenvoudige, pure uitstraling van het restaurantje.

Daarnaast wordt het publiek kleinerend omschreven als 'opvallend veel vrouwen met gewaadachtige kleren' en de bediening als 'lief meisje in trainingspak', die niets meer dan het woordje 'O' kan uitbrengen als ze een sneer krijgt van de dames. De typisch Italiaanse eenvoud van de pasta wordt omschreven 'Spaghetti à la studentenhuis'.

Wij vragen ons werkelijk af met wat voor doel Aaf & Paulien dit etablissement bezochten. Het lijkt meer op een potje afkraken dan een culinaire reis.

Wij eten al jaren elke week in dit 'nieuwe' restaurant en zijn zeer gecharmeerd door de puurheid en liefde waarmee het eten hier bereid wordt, smaakt en opgediend wordt.

Ooit wel eens de film gezien Como Aqua para Chocolate? Dat weet U waar wij het over hebben.

Wij werken het grootste deel van jaar op verschillende plekken in Italië en eten daar elke dag in lokale eetgelegenheden.We hebben inmiddels de weg gevonden naar de typische Italiaanse keuken, die is heel puur en komt recht uit het hart. De smaak van de afzonderlijke ingrediënten komt daarbij geheel tot zijn recht. Vaak is er niet eens een menukaart aanwezig.

Daarnaast is de ongedwongen sfeer in de lokale restaurantjes iets wat ons zeer aanspreekt.

De eigenaar van Il Principe in Arnhem weet deze typisch Italiaanse smaak en sfeer goed over te brengen, en komt van de Italiaanse restaurants in de omgeving naar onze mening het dichtst bij deze lokale Italiaanse keuken.

Regelmatig komt hij enthousiast uit de keuken hollen om zijn gasten kennis te laten nemen van de zoveelste, voor hen onbekende seizoensgroente of om hen een hapje te laten proeven van een tongstrelend gerecht.

De manier waarop in dit artikel restaurant Il Principe beschreven wordt is absoluut het restaurant onwaardig! Het lijkt wel alsof de dames zich hebben laten leiden door hun eigen frustratie in plaats van open te staan voor een sfeer die misschien iets te eenvoudig is voor hun ogenschijnlijk, rijkelijk en goed gevulde culturele leven. Hoe krijgen deze twee het voor elkaar om alles in het negatieve te trekken en de karige complimenten toch weer negatief te beëindigen.

Wij hadden van NRC wat meer objectiviteit en integriteit verwacht!

Jean-Pierre en Marieke Scholten,

Arnhem

POPSMAAK KREEG IK VOORAL VAN M'N VADER

'Ook iemands popmuzieksmaak is de schuld van de moeder' schrijft Bernard Hulsman in Leven &cetera van 11 februari (Popsmaak krijg je vooral van je moeder) naar aanleiding van een gesprek met popprofessor Tom ter Bogt.

Schuld? Hoezo schuld? Alsof die moeders iets hebben misdaan. Kunnen moeders het wel goed doen? Ze gaan werken en stoppen hun kind(eren) in de crèche met alle psychische gevolgen van dien. Of ze werken te weinig en bewijzen de economie geen dienst.

Terug naar de popmuziek: ikzelf groeide op met onder anderen Crosby, Stills & Nash, Pink Floyd, The Byrds en David Bowie, muziek die ik nog steeds prachtig vind. Dankzij mijn vader. Of moet ik zeggen: door zijn schuld?

Isolde van Overbeek, Rotterdam

HOEZO: DE ELITE HOUDT NIET VAN HEAVY METAL?

In het artikel Popsmaak krijg je vooral van je moeder (Leven &cetera 11 februari) stelt Tom ter Bogt dat de elite niet van heavy metal houdt. Dat klopt niet.

Ik speel in een heavy metal-band (The Thirsty Tigers) met vijf academici variërend van advocaat tot directeur.

In ons publiek zijn alle rangen en standen vertegenwoordigd; de muzieksoort vertegenwoordigt geen maatschappelijke stroming.

Heavy metal is op het eerste gehoor voor velen een hoop lawaai met weinig inhoud. Wie zich er echter in verdiept, hoort interessante composities met zeer ingenieuze melodielijnen.

Vincent Brongers, Rotterdam