De denkende rat

Bij mensapen is het nog niet gezien, causaal redeneren. Maar nu zou het zijn aangetoond bij ratten. Hendrik Spiering

Dieren kunnen leren door associaties. Het beroemdste geval is de hond van Pavlov. Die wende aan de gewoonte van zijn baas met een belletje te rinkelen voordat de hond eten kreeg. Die wist voortaan: 'belletje = eten'. Een ander geval is de aap die met een stok tegen een boom slaat en ziet dat er een vrucht uit valt. Hij slaat nog eens, en wéér!

Knap, maar dit associatieve (hond) en instrumentele leren (aap) staan niet boven aan de mentale ladder. Daar bevindt zich het causale denken: een oorzaak en gevolg afleiden uit wat je observeert en die kennis vervolgens zélf toepassen. Dat valt niet mee. Zoals het standaardwerk Primate Cognition van Michael Tomasello en Josep Call (1997) schrijft: geen primatoloog zal volhouden dat een aap die vruchten uit een boom ziet vallen door de wind op het idee zal komen om dat effect eens zelf op te roepen door aan de takken te trekken. Zelfs bij mensapen is nooit veel meer vastgesteld dan instrumenteel leren: met gereedschap zijn ze soms best handig.

Dit was de stand tot gisteren. Nu ineens zijn er ratten die volgens een artikel in Science (17 januari) wél causaal kunnen redeneren. Uit een ingewikkeld laboratoriumexperiment concluderen Amerikaanse, Japanse en Duitse psychologen dat de ratten van een afstandje een oorzaak en gevolg kunnen afleiden uit wat ze zien en die kennis vervolgens toepassen in hun handelen.

De ratten leren eerst à la pavlovienne dat na een paar lichtflitsen tegelijk een toon klinkt en voedsel verschijnt. Bij licht en ook bij een toon zien de onderzoekers de ratten snel in het hokje kijken waar het voedsel pleegt te verschijnen. Vervolgens ontdekken ze dat die toon óók klinkt als ze op een hendel drukken (instrumenteel leren dus).

zonder hendeltje

Maar - nu komt het - daarna tonen deze ratten veel minder belangstelling voor de plek waar gewoonlijk voedsel verschijnt als ze een toon horen. Kennelijk hebben de ratten door de truc met het hendeltje ontdekt dat de oorzaak van het voedsel het licht is dat aan het voedsel vooraf gaat, en niet de gelijktijdige toon waarvan ze ook zelf de oorzaak kunnen zijn. Ratten in een controlegroep hoorden de toon zonder hendeltje (en ook zonder lichtflits). Zij bleven wel zoeken naar het voedsel, want ze gingen er - logisch! - vanuit dat ze de lichtflitsen gemist hadden. Conclusie van de psychologen: de kern van causaal redeneren is al aanwezig bij dieren en is dus geen superieur vermogen dat alleen aan mensen is voorbehouden.

En daarmee is het causale denken - dat tot nu toe weinig aandacht kreeg in het dieronderzoek - een nieuw onderwerp in de felle strijd over het verschil tussen mens en dier. Over veel onderwerpen lijkt de strijd al beslist: werktuiggebruik, culturele overdracht en (hoogstvermoedelijk) enig inzicht in de geest en wil van anderen (theory of mind) is al ontdaan van de uniek menselijke status.

Of nu juist ratten hun causale zegetocht in de wetenschap zullen voortzetten is overigens nog lang niet zeker. In een eerste reactie reageert bijvoorbeeld de Groningse hoogleraar ethologie en rattenkenner Serge Daan sceptisch. Het is een leuk experiment, maar de onderzoekers kloppen de conclusie te veel op.

Evengoed kan die verrassende reactie van de ratten op de toon contextafhankelijk zijn.

Als ze zelf de hendel overhalen is de omgeving toch anders. Ik heb dat bij experimenten zo vaak gemerkt. Dan toonden de ratten na 24 uur wel de geleerde reacties, maar niet na 12 of 36 uur. Dan was hun bioritme anders, en dus de situatie.'

Verder blijft voorlopig ook het argument van Tomasello gelden dat hij in Primate cognition gebruikt tegen schaars anekdotisch bewijs voor causaal redeneren bij mensapen. Als die dieren écht in staat zijn om causale verbanden af te leiden uit wat ze zien, waarom zijn ze dan zo slecht in staat te leren van het voorbeeld van hun soortgenoten?