Andere aanpak scheelt 14 pct werkloosheid

Werkloosheidscijfers van CBS en SCP lopen sterk uiteen. Het SCP richt zich specifiek op minderheden, zegt SCP-onderzoeker Dagevos. 'Wij bereiken meer de onderkant van de maatschappij.'

Hoe bereken je het aantal werklozen in een land? Niet op de manier van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Dat vindt Michiel Vergeer, hoofdeconoom bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Hij maakt ernstig bezwaar tegen de cijfers die het SCP heeft gepubliceerd. Vergeer krijgt bijval uit wetenschappelijke hoek.

Het SCP stelt dat de werkloosheid onder allochtone jongeren begin vorig jaar 40 procent bedroeg. Van alle autochtone Nederlanders zat 9 procent zonder baan, aldus het SCP. Maar het CBS meent dat 'slechts' 26 procent van de allochtone jongeren in 2005 thuiszat. Bij de autochtonen telt het CBS 5 procent.

Wat verklaart dit grote verschil? Geen onbelangrijke vraag, gezien de statuur van beide instituten. Het CBS geldt sinds jaar en dag als de gerenommeerde leverancier van objectieve statistische cijfers; het SCP brengt advies uit aan de regering.

Van een toevallige afwijking is geen sprake, want de uitkomsten van het SCP over 2005 liggen steevast hoger dan die van het CBS. Definities bieden evenmin uitkomst: SCP en CBS hanteren dezelfde uitleg van begrippen als 'allochtoon', 'jongere' en 'werkloos'.

Eén verklaring luidt dat het CBS het hele jaar onderzoek heeft gedaan, terwijl het SCP zich baseert op onderzoek dat is verricht tussen november 2004 en mei 2005. In die periode lag de werkloosheid op 490.000, het hoogste punt sinds 2001. Daardoor zou het SCP op een hoger getal kunnen uitkomen. Toch biedt dit geen verklaring: het CBS-cijfer over heel 2005 ligt op 483.000, een fractie lager dan waar het SCP mee rekende.

Een andere uitleg is dat het CBS cijfers verzamelt over het hele land, en het SCP alleen over de vijftig grootste gemeentes, waar 75 procent van de allochtonen woont. Omdat werkloosheid in steden van oudsher relatief hoog is, kan het SCP hoger uitkomen.

Deze verklaring vindt bijval van hoofdeconoom M. Vergeer van het CBS. 'Het is evident dat Amsterdam meer werklozen telt dan de rest van Noord-Holland.'

Toch uit Vergeer flinke kritiek op het SCP. Essentieel is dat het SCP zijn resultaten verbindt met CBS-cijfers van 2004. 'Dat het SCP zijn eigen criteria hanteert, mag natuurlijk. Het gaat mis wanneer je de resultaten daarvan naast cijfers legt die met andere criteria zijn opgesteld. Dan krijg je een stijging van de werkloosheid die er in werkelijkheid niet is', zegt Vergeer. 'Ik neem aan dat het SCP zo sportief is om dat toe te geven.'

Hoogleraar arbeidsmarktbeleid T. Wilthoven steunt Vergeer. 'Als je SCP-cijfers op CBS-cijfers legt, gaan de werkloosheidscijfers sky high.' Wilthoven laakt ook de toon van het SCP-rapport. 'Er wordt verwezen naar de rellen in Franse voorsteden in december. Die zouden verband hebben met jeugdwerkloosheid in Frankrijk. Ik heb de SCP-cijfers twee weken geleden gebruikt in colleges. Dan zie je allochtone studenten elkaar aankijken. Het SCP had zorgvuldiger moeten zijn.'

De opsteller van het SCP-rapport, J. Dagevos, blijft bij zijn bevindingen. Hij erkent dat sprake is van 'enige mate van onvergelijkbaarheid', maar vindt niet dat zijn cijfers door het CBS zijn ondermijnd.

Dagevos wijst op de verschillende enquêtemethodes. Het SCP richt zich specifiek op minderheden, terwijl het CBS de bevolking in het algemeen steekproefsgewijs onderzoekt. 'Wij bereiken meer de onderkant van de maatschappij.'

Vergeer vindt ook de publicatiedatum van het SCP-rapport - 17 januari, slechts twee dagen voordat het CBS met cijfers over 2005 kwam - 'opmerkelijk'.

Volgens Dagevos is dit toeval. In zijn voorwoord bij de SCP-studie rept hij van 'de noodzaak' van 'actuele gegevens'. Vergeer: 'Actueel? Met cijfers tot mei 2005?'

SCP en CBS zijn naar aanleiding van hun verschil in conclusies een onderzoek begonnen om alsnog een verklaring te vinden voor de verschillen. Dagevos: 'Er is geen sprake van een fundamentele tegenstelling tussen SCP en CBS.'