Piazza Torino

Dit stukje gaat me een boze ingezonden brief van de voorlichter van de Nederlandse Spoorwegen kosten. Daar hanteren ze sinds kort een nieuwe strategie. Kritiek op de NS? We zullen ze leren! Báf, er bovenop. Omdat ik geen ruzie wil, zal ik het dus zo vriendelijk mogelijk houden.

In de hal van het Centraal Station van Utrecht trokken gisteravond twee jongens op feestelijke wijze mijn aandacht. Dat was ook de bedoeling van de NS. Beiden droegen, aan steunen hoog boven hun hoofd, een tv-toestel dat met bedrading verbonden was aan een kastje op hun rug. Op de schermen waren live-beelden van de Olympische Winterspelen te zien.

“Waar is dit goed voor?“ vroeg ik een van de jongens.

“De NS sponsort de Nederlandse sporters“, zei hij vriendelijk, en hij overhandigde me een fraai uitgevoerde brochure.

“Is het niet erg zwaar?“

“Loodzwaar“, zei hij. “Ik sta hier nu ruim twee uur en ik zal blij zijn als het erop zit.“

Nog onder de indruk van deze moderne promotiestrategie van de NS liep ik naar een afgeschoten deel van de hal, waaruit veel tumult opklonk. Er bleek een zomers terras aangelegd met parasols, stoelen en tafels. Het gebied heette Piazza Torino. Leuke vondst.

Op een podium stond een ensemble van drie veredelde straatmuzikanten, One Two Trio geheten, dat keihard rockte op antieke wijsjes als Kom van het dak af en Een, twee, drie, vier, zuipen! De stemming zat er nog niet helemaal in. Op de stoelen hingen alleen wat grinnikende daklozen en kleumende junks. Ja, het was kil en tochtig op Piazza Torino.

Alleen aan de randen van het terras bleven passerende treinreizigers even staan. Op grote tv-schermen konden ze de sportieve verrichtingen in Turijn volgen. Daar voltrok zich helaas de ene na de andere sportieve ramp voor de door de NS gesponsorde sporters. Marianne Timmer startte valser dan een kraai kan zingen, en moest in tranen worden weggevoerd. De beste Nederlandse, Annette Gerritsen, hing ergens rond de twaalfde plaats, terwijl Mart Smeets er in een kokette ijstrui aan toevoegde “dat dit niet eens een sterk bezet toernooi is“.

Op het terras hingen overal bordjes waarop de NS trots verkondigde dat ze “Partner in Sport' is met NOC*NSF. Geen wonder dat de treinkaartjes duurder moeten worden, dacht ik vol begrip. Ik verdiepte me in de luxueuze NS-brochure. “In diezelfde periode bruist het in station Utrecht Centraal van activiteiten“, las ik. Ik keek even om heen: de jongens van One Two Trio hadden net “een korte dweilpauze' ingelast, waardoor nu ook de laatste zwerver aanstalten maakte om te vertrekken.

Ik las verder. “De sporters en begeleiders van het Nederlands Olympisch Team zullen per hogesnelheidstrein terugreizen naar Nederland. Op 27 februari krijgen ze een warm welkom op station Zwolle.“

Op dat moment moest ik denken aan een recent krantenbericht waarin stond dat de NS, volgens een vertrouwelijk rapport van de top, geen idee heeft hoe ze de vertragingen moet terugdringen. Zou dat wel gaan lukken, op 27 februari in Zwolle? Of moeten de sporters alvast rekening houden met een valse aankomst na een extreem lange dweilpauze?